Vreemde ogen dwingen – advies aan het hbo om de toetskwaliteit te verhogen

Over de kwaliteit van toetsing binnen het hbo werd de afgelopen jaren heel wat kritiek geuit. Veel commotie ontstond o.a. over de “alternatieve afstudeertrajecten” die een hogeschool had ingevoerd. Als onderwijssector kun je je deze kritiek niet veroorloven, ook niet als het alleen om incidenten zou gaan. De HBO-raad heeft in december 2011 de “Commissie externe validering examenkwaliteit hoger beroepsonderwijs” ingesteld om advies uit te brengen gericht op kwaliteitsbewaking en –verbetering in de toekomst.

In het rapport “Vreemde ogen dwingen” heeft de commissie haar adviezen weergegeven in de vorm van een “ ingrijpend en niet-vrijblijvend pakket maatregelen”, zoals de commissievoorzitter, Jan Anthonie Bruijn, het uitdrukt.

“Het hbo staat thans voor de grote uitdaging om het optimale evenwicht te vinden, te benutten en uit te dragen tussen het scheppen van vertrouwen in de sector, het tegelijkertijd beperken van overheidsbemoeienis en, bureaucratie en kosten enerzijds, en het maximaliseren van autonomie, decentralisatie en lokale expertise anderzijds.”

Het pakket aan maatregelen

Het voorgestelde pakket aan maatregelen richt zich met name op de externe validering van de toetsing en examinering. De volgende maatregelen worden genoemd:


Externe validering van toetsen.
Geadviseerd wordt om, waar mogelijk, te kiezen voor instellingoverstijgende (minimaal 3 instellingen tezamen), leerwegonafhankelijke, extern gevalideerde, voortgangstoetsen. Naast de leerwegafhankelijke toetsen.


Externe validering van eindwerkstukken.
Invoering van een bottom-up* opgesteld protocol bij scripties en omvangrijke producten.


Externe validering via wettelijk vastleggen van de verplichting toetsbeleid te voeren
. In het toetsbeleid dient aandacht te worden besteed aan: a) minimaal 1 lid van de examencommissie en de opleidingscommissie is afkomstig van buiten de opleiding; b) bij examinering moeten examinatoren van buiten de hogeschool worden betrokken; c) bij het opstellen van toetsen, nakijken en beoordelen en bij het opstellen van protocollen moeten ‘vreemde ogen’ worden toegelaten in de vorm van tweede beoordelaars, externe deskundigen e.d.; d) alleen gecertificeerde examinatoren nemen zitting in de examencommissies. Toetsbeoordeling wordt een verplicht onderdeel van het takenpakket van de commissie (evt. te delegeren naar een deskundige toetsbeoordelingscommissie).


Externe validering via certificering van examinatoren en opleiding van docenten.
Naast scholing, wordt het voorstel gedaan voor een systeem van certificering via de invoering van een basis- en senior kwalificatie examinering systematiek en het instellen van een wettelijk register voor bij- en nascholing van hbo-docenten waarin de toetsexpertise is opgenomen.

Externe validering via visitatiecommissies. De kwaliteit van toetsing dient wat de commissie betreft een stevige(re) plaats te krijgen in de accreditatiekaders en bij de samenstelling van visitatiecommissies dient (beter dan nu gebeurt) gelet te worden op toetsdeskundigheid.


Externe validering via andere toetsvormen.
Genoemd worden: leerwegafhankelijke ne leerwegonafhankelijke bottom-up punttoetsen (bloktoetsen waar studiepunten mee gemoeid zijn), leerwegafhankelijke bottom-up longitudinale toetsen, leerwegafhankelijke bottom-up protocollering. Bij de validering hiervan dienen ‘vreemde ogen’ ingeschakeld te worden.


Externe validering via toetskwaliteit
. In het hbo dient systematischer onderzoek naar toetsbeleid, toetsontwikkeling en toetskwaliteit plaats te vinden. Eventueel in samenwerkingsverband.

Op 23 mei is het rapport aangeboden aan Thom de Graaf, voorzitter HBO-raad, die het op zijn beurt weer aanbood aan staatssecretaris Zijlstra, met de toezegging dat de HBO-Raad er voortvarend mee aan de slag wil gaan.

* Binnen het instellingsoverstijgend toetsen kan onderscheid gemaakt worden tussen een top-down en een bottom-up variant. Het belangrijke verschil: bij top-down toetsen wordt de toets samengesteld door een kleine groep van inhoudsdeskundigen (waarin niet alle hogescholen vertegenwoordigd zijn), mogelijk aangevuld met toetsdeskundigen vanuit een centrale organisatie buiten de hogescholen. Bij een bottom-up toets wordt de toets gemaakt binnen de organisatie van de deelnemende hogescholen, door de aldaar werkzame docenten.

Meer hierover weten?

Het advies ‘Vreemde ogen dwingen’ is hier te downloaden. 
Artikel op website HBO Raad: 'Vreemde ogen dwingen' - Advies over stevige borging hbo-examens

Artikel in Science Guide: Met wortel en tak.
Verder te bekijken:

§

toespraak van Thom de Graaf;

§

interview NOS met commissievoorzitter Jan Anthony Bruijn;

§

interview Hoger Onderwijs Persbureau met Jan Anthony Bruijn;

§

interview NOS met Marcel Wintels, bestuurslid HBO-raad en CvB-voorzitter Fontys Hogescholen, naar aanleiding van 'Vreemde ogen dwingen'.

“Al met al is de commissie van mening, in lijn met de commissie Dijsselbloem èn de Onderwijsraad, dat als het ‘wat’ (eindtermen en competentieprofielen) en het ‘of’ (toetsing) voldoende geborgd en extern gevalideerd zijn,er ten aanzien van het ‘hoe’ vertrouwen dient te zijn in de hogescholen en de hbo-docenten.”