column_sept2014

Wetenschap

Integere wetenschap vereist maatschappelijke betrokkenheid

Peter-Paul Verbeek

Vorige week is het nieuwe academisch jaar geopend. De vele toespraken en discussies die daarbij hoorden hebben één ding duidelijk gemaakt: er woedt in Nederland intussen een heuse strijd om de wetenschap. Terwijl de politiek en de samenleving steeds meer vragen om relevante wetenschap die in gesprek gaat met het publiek, strijdt de academie – of althans een deel daarvan – steeds harder voor onafhankelijkheid van onderzoek en voor de eigen waarde van de wetenschap, los van haar toepassingen.

Neem bijvoorbeeld de stellingname van wetenschapsjournalist Maarten Keulemans in dit debat. De wetenschap kan zich beter richten op haar eigen integriteit in plaats van te zoeken naar de gunsten het publiek, stelt hij. Doordat de wetenschap zich steeds meer richt op maatschappelijke toepassingen en dialoog met het publiek verliest ze langzamerhand haar rol als baken van waarheid. Alleen door “trouw aan de wetenschappelijke methode” kunnen we iets doen tegen alle pseudowetenschappelijke fabeltjes over onnodige vaccinaties, gevaarlijke straling uit mobiele telefoons, en twijfels aan de opwarming van de aarde.

In deze discussie gaat iets grondig mis. Zeker: het beeld dat wetenschap ‘ook maar een mening’ is en vooral waarde heeft door haar toepassingen is weinig aantrekkelijk. Maar dat geldt ook voor wetenschap die zich weer terugtrekt in haar ivoren toren. Wat nodig is, is geëngageerde wetenschap: wetenschap die deel wil uitmaken van de samenleving, vanuit de geheel eigen plaats die ze daarin inneemt. En merkwaardig genoeg ontbreekt dat perspectief geheel in de discussie.

Geëngageerde wetenschap vraagt allereerst om een veel bescheidener benadering van de wetenschappelijke methode. Die methode betekent namelijk helemaal geen rotsvaste zekerheid, maar juist permanente twijfel. Weet ik het wel zeker? In welke kaders heb ik mijn vraag gesteld en beantwoord, en zijn er ook andere? Zulke systematische twijfel impliceert een voortdurende bereidheid om met andere gezichtspunten in discussie te gaan. Ze wuift scepsis en kritiek op de wetenschap niet weg als pseudowetenschappelijke onzin, maar wil ermee in gesprek.

Ten tweede maakt maatschappelijke betrokkenheid volop deel uit van geëngageerde wetenschap, zonder dat dit neerkomt op ‘een knieval voor de gunsten van het publiek’. Fundamentele en toegepaste wetenschap staan namelijk niet tegenover elkaar, maar gaan juist hand in hand. Toepassingen leiden altijd weer tot nieuwe wetenschappelijke vragen, terwijl nieuwe inzichten weer nieuwe toepassingen genereren. De wetenschap hoeft zichzelf helemaal geen geweld aan te doen om relevant te zijn.

Zo’n engagement vereist echter wel de juiste randvoorwaarden. En die zijn de afgelopen jaren steeds schaarser geworden. Het geld dat beschikbaar is voor wetenschappelijk onderzoek is steeds meer gekoppeld aan innovatie: onderzoekers kunnen hun plannen alleen uitvoeren als bedrijven willen meebetalen. Zo wordt maatschappelijk engagement ingeperkt tot economisch rendement, en afhankelijk gemaakt van financiering door bedrijven, die daar doorgaans alleen toe bereid zijn als ze er zelf op korte termijn iets aan kunnen hebben.

Universiteiten zullen dus zelf de randvoorwaarden voor deze geëngageerde wetenschap moeten scheppen. Een voorbeeld daarvan is het pas geopende DesignLab aan de Universiteit Twente. De visie erachter is ‘Science2Design4Society’: ontwerpen als de ontmoetingsplek van wetenschap en samenleving, waar de nieuwste wetenschappelijke inzichten worden gekoppeld aan maatschappelijke vragen en problemen. Er worden producten ontwikkeld, terwijl tegelijkertijd onderzoek wordt gedaan naar de impact van die producten op mens en maatschappij.

Wetenschappelijke integriteit schuilt minstens zoveel in engagement als in trouw aan de methode. Wetenschap wordt midden in de samenleving ontwikkeld en haar uitkomsten belanden ook altijd weer in die samenleving. De werkelijke vraag waar de wetenschap voor staat, is niet of ze zuiver of onzuiver wil zijn, maar of ze erin slaagt een goede vorm te geven aan haar plaats in de samenleving.

(Verschenen in Tubantia, 13 sept 2014)