column_nov2012

Enschede verdient nog steeds een gymnasium

elitair of stimulerend?

Sinds 2008 kent Enschede een stichting die zich inzet voor de oprichting van een categoriaal gymnasium. Geen gymnasiumafdeling van een grote scholengemeenschap dus, maar een zelfstandige school waar leerlingen een brede, klassieke vorming krijgen in intellectueel, sportief en cultureel opzicht. Hun motto is: Enschede verdient een gymnasium.

Aanvankelijk hebben de twee oppermachtige schoolbesturen van Enschede dit initiatief flink tegengewerkt. Een zelfstandig gymnasium zou immers leerlingen weg kunnen trekken, en dat kon toch niet de bedoeling zijn. Maar sinds dit jaar kent Enschede dan toch een school die in de buurt begint te komen van het ideaal. De locatie Kottenpark van Het Stedelijk Lyceum heeft een 'geprofileerd gymnasium' opgericht: een klas met gymnasiumleerlingen op een eigen plek binnen de school, die kan uitgroeien tot een volwaardige gymnasiumlocatie.

Is dat nou echt nodig, zo'n zelfstandig gymnasium, zullen sommigen zich afvragen. Kunnen VWO leerlingen niet gewoon Grieks en Latijn volgen binnen een scholengemeenschap in plaats van op zo'n elitaire zelfstandige school? Die vraag is het beste te beantwoorden met ervaringen van binnenuit.

Het gymnasium waar ik mijn puberjaren heb doorgebracht heeft zonder overdrijving een beslissende invloed gehad op mijn verdere leven. Dat zat niet alleen in de klassieke talen, ook al waren die wel essentieel. Die talen leren je namelijk om de structuur van taal in het algemeen te begrijpen, zoals wiskunde je leert wat rekenen eigenlijk is. En ze geven toegang tot oude culturen, die de wortels vormen van onze cultuur en waar je via die oude teksten nog gewoon naar binnen kunt wandelen. Maar vooral was mijn middelbare school een hechte gemeenschap, waar een brede vorming van leerlingen centraal stond, op een schaal die persoonlijke betrokkenheid mogelijk maakte. Als ik wel eens iemand ontmoet die ook 'Beekvliet' gedaan heeft, schept dat nog steeds een band, omdat we door dezelfde vormende periode heen zijn gegaan.

Verrassend genoeg was deze school helemaal niet elitair. Met een HAVO-VWO advies werd je in principe toegelaten. En omdat de school zelfstandig was, spanden alle docenten zich enorm in om iedere leerling voor de school te behouden. Terwijl het op een scholengemeenschap maar een kleine stap is naar het atheneum, probeert iedereen op een categoriaal gymnasium juist aan boord te blijven.

Precies daarom is het zo belangrijk dat deze scholen zelfstandig zijn. Niet om de gymnasiasten af te zonderen van de anderen, maar om een geborgen omgeving te creëren waar leerlingen breed gevormd kunnen worden en die leerlingen stimuleert om het beste uit zichzelf te halen. Begrijp mij niet verkeerd: zo'n geborgen, vormende omgeving is niet alleen goed voor gymnasium-leerlingen, maar op alle leerniveau's. Maar dat is alleen maar een extra reden om enthousiast te zijn over categoriale gymnasia.

Tegen dit licht is het 'geprofileerde gymnasium' van het Kottenpark vooral een hoopvolle stap in de goede richting. Om echt succesvol te zijn, moet het allereerst minder elitair worden. Momenteel worden alleen leerlingen met een CITO score van 545 of hoger toegelaten. Wat een gemiste kans! Een brede vorming gun je iedereen die het aankan en die ervoor openstaat, niet alleen de bollebozen van deze wereld. Ten tweede leidt een ruimer toelatingsbeleid er hopelijk toe dat het gymnasium zodanig groeit, dat het zich verder kan verzelfstandigen tot een stimulerende, eigen gemeenschap waar zoveel mogelijk leerlingen bij kunnen aansluiten. Want niet alleen de elite, maar alle VWO-leerlingen van Enschede verdienen een gymnasium.

Peter-Paul Verbeek is hoogleraar Filosofie van Mens en Techniek aan de Universiteit Twente.