Column_dec2013

Vaderschapsverlof

Echte emancipatie vergt een betere verdeling van werk en zorg

Gepubliceerd in: Tubantia, Opinie, 14 december 2013

Peter-Paul Verbeek, www.ppverbeek.nl

Of zijn gedachten al bij het kerstkindje waren weet ik niet, maar deze week heeft minister Asscher bekend gemaakt dat het vaderschapsverlof in Nederland uitgebreid gaat worden. In plaats van 2 dagen mogen mannen die net vader zijn geworden binnenkort maar liefst vijf dagen thuis blijven. Wel op eigen kosten natuurlijk – een kind krijgen is immers je eigen keuze, daar hoeft de samenleving niet voor op te draaien.

Ik heb het Nederlandse beleid ten aanzien van ouderschap altijd al wat uit de tijd gevonden. Maar dat deze aanpassing alles is wat het kabinet te bieden heeft, is wel erg bedroevend. Er wordt nu al zó lang gepraat over de ongelijke verdeling tussen mannen en vrouwen in arbeidsdeelname, carrièrekansen en salaris. En nog steeds draait de politiek heen om datgene wat letterlijk aan de wieg van het probleem staat: de ongelijke verdeling van werk en zorg.

Op de één of andere manier wil maar niet doordringen dat we al drie emancipatiegolven verwijderd zijn van de tijd waarin vrouwen hun dagen uitsluitend doorbrachten achter aanrecht, wasmachine en aankleedkussen. En dat kinderen krijgen een flinke uitdaging is in een wereld waarin niet alleen mannen maar ook vrouwen werken.

Door vaders na de bevalling 5 dagen verlof te geven en vrouwen drie maanden, geef je impliciet de boodschap af dat kinderen vrouwenwerk zijn. Die drie maanden verlof zijn immers niet alleen een herstelperiode van de bevalling – voor dat doel zouden een paar weken voldoende zijn. Het verlof is bedoeld om de eerste maanden na de geboorte je kind de aandacht en zorg te kunnen geven die nodig zijn. Tegelijkertijd is het een periode waarin nieuwe patronen ontstaan in de taakverdeling tussen mannen en vrouwen. De overheid maakt het dus van meet af aan normaal dat mannen doorwerken en vrouwen voor de kinderen zorgen.

De kraamzorg maakt het vervolgens nog erger. Dat de kraamhulp helpt bij de voeding en verzorging, en tips en adviezen geeft aan onervaren ouders, is natuurlijk prachtig. Maar dat zij (zelden hij) ook helpt met koken, schoonmaken, en het verzorgen van de koffie en de beschuit met muisjes is toch wat opmerkelijk. Als een vrouw fysiek niet in staat is om het huishouden te doen, ligt daar blijkbaar geen taak voor haar partner, maar moet er iemand voor worden ingehuurd. Ik zie hier een mooie kostenbesparing: als vaders straks 5 dagen thuis zijn, kan de kraamzorg probleemloos tot de helft gereduceerd worden.

De sleutel tot gelijke arbeidsdeelname van mannen en vrouwen wordt vaak gezocht in betere en betaalbare kinderopvang. Maar het echte probleem ligt heel ergens anders. De meeste mensen in ons land vinden het niet prettig om een kind 5 dagen per week naar de kinderopvang te sturen. Drie dagen is voor velen het maximum. Dat betekent dat er twee dagen overblijven om zelf voor je kind te zorgen. En in een wereld waarin de norm is dat mannen fulltime werken, blijven er dan voor vrouwen maar 3 werkdagen over.

Om dit op te lossen, moet het vanzelfsprekender worden dat ouders met jonge kinderen allebei 4 dagen werken. De basis daarvoor leg je met gelijkheid in ouderschapsverlof. Mijn voorstel: na een lichamelijke herstelperiode van 6 weken voor de moeder krijgen beide ouders ieder nog zes weken betaald verlof, aaneengesloten of in deeltijd – maar alleen als ze het allebei opnemen. Als hij niet wil, gaan ze allebei na 6 weken gewoon weer lekker aan de slag. Het wordt hoog tijd dat de overheid van haar rolbevestigende beleid afstapt.