Attitude van kinderen ten opzichte van technische beroepen

Aandacht voor techniek in het basisonderwijs vormt een essentiële voorwaarde voor het ontwikkelen van een positieve attitude van basisschoolkinderen ten opzichte van techniek (met in het bijzonder aandacht voor meisjes).

De manier waarop attitude wordt gemeten is echter vaak niet eenduidig en tot nu toe ontbrak het aan een geïntegreerd instrument dat ingaat op meerdere dimensies van het begrip attitude ten opzichte van techniek en technische beroepen.

Wij verstaan onder ‘attitude ten opzichte van techniek’ een set van gedachten, gevoelens en gedragingen van het kind die specifiek ingaat op: (a) de eigen gedachten over wat techniek kan inhouden, genderverschillen op het gebied van techniek, eigen opvattingen over het moeilijkheidsniveau van techniek en eigen opvattingen over het belang van techniek voor de samenleving, (b) gevoelens van eigen plezier of interesse in techniek en (c) eigen voornemens om meer te gaan leren over techniek of later een baan in die richting te zoeken.

Wij ontwikkelden een passende en gevalideerde attitudemeting (vragenlijst) die op basis van bovengenoemde dimensies meet wat de attitude is van kinderen ten opzichte van techniek en technische beroepen.

Kinderen worden onder meer gevraagd naar wat zij denken dat techniek betekent, wat technische competenties zijn en hoeveel voldoening technische beroepsuitoefening geeft. Deze kennis wordt gesplitst in (a) een traditionele opvattingen, waarbij kinderen kunnen aangeven in welke mate zij vinden dat techniek bijvoorbeeld te maken heeft met het bewerken van materialen of het omgaan met machines, en (b) een bredere opvattingen over techniek met daarin ook wetenschappelijke elementen, waarbij leerlingen kunnen aangeven in welke mate zij vinden dat techniek te maken heeft met bijvoorbeeld het bedenken van oplossingen of nieuwe ideeën.


Links

Lees ons wetenschappelijke artikel

Lees een artikel over ons onderzoek in het KWTO bulletin