Meten van de nieuwsgierige houding van kinderen

Een nieuwsgierige houding van kinderen vormt een belangrijke voorwaarde voor onderzoekend en ontwerpend leren.

Helaas bestaat er nog geen handzaam en gevalideerd meetinstrument voor leerkrachten om de nieuwsgierige houding van kinderen te meten. Het wetenschappelijke onderzoek naar nieuwsgierigheid heeft zich met name gericht op het operationaliseren en meten van de nieuwsgierigheid van volwassenen.

Wij richten ons expliciet op het meten van de nieuwsgierige houding als een verzameling van positieve gedachten en gevoelens van het kind gericht op verwondering en vragen stellen zonder dat daar noodzakelijkerwijs direct een pasklaar antwoord op hoeft te komen.

Op basis van de wetenschappelijke literatuur komen wij tot een semigestructureerd instrument waarmee leerkrachten de nieuwsgierige houding van kinderen kunnen meten, stimuleren, en volgen. Hierbij maken wij onderscheid tussen de volgende vier dimensies van een nieuwsgierige houding van kinderen:

·

Sensorische nieuwsgierigheid; gericht op zintuigelijke prikkels uit de omgeving (bijv. waar komt dat geluid vandaan of waarom kietelt het zo onder je voeten),

·

Cognitieve nieuwsgierigheid; gericht op iets beter willen begrijpen (bijv. hoe werkt een auto of mobieltje),

·

Epistemologische nieuwsgierigheid; gericht op het achterhalen van de (wetenschappelijke) oorsprong van bepaalde kenniselementen (bijv. hoe is elektriciteit ontdekt),

·

Verwondering; gericht op het bewust als bijzonder of betekenisvol opmerken van alledaagse fenomenen (bijv. wat laten de bomen in de herfst veel verschillende kleuren zien).