NRC Handelsblad Giebels

NRC Handelsblad


June 4, 2005


Amateurs in Dagestan ; De ontknoping in de ontvoering van Arjan Erkel

BYLINE: COEN VAN ZWOL

SECTION: Zaterdags Bijvoegsel; Pg. 40

LENGTH: 3357 words



De ruzie over de juiste aanpak - stille diplomatie of luide mediacampagnes - loopt steeds hoger op De kidnappers worden zenuwachtig. Arjan moet zijn boeken inleveren.

Ruim een jaar geleden werd de onvoerde Arjan Erkel na de betaling van losgeld vrijgelaten. Nu wordt er een rechtszaak gevoerd over het losgeld. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? 'Onze jongens hebben de brave diplomaten bij de neus genomen.'

Op 11 april 2004, rond twee uur 's nachts, neemt Arjan Erkel afscheid van de Generaal, de baas van de twaalf mannen die hem al twintig maanden bewaken. Op de afgesproken plek, een uur rijden van de Dagestaanse hoofdstad Machatsjkala, stapt hij geblinddoekt in een ruime kofferbak. De auto is van de Russische veiligheidsdienst FSB. Arjan weet nog van niets, maar hij is een vrij man.



Terwijl hij door het slapende Machatsjkala rijdt, golft het nieuws over zijn bevrijding door de nacht, van mobiele telefoon naar mobiele telefoon. Na een halfslachtige ondervraging mag Arjan die middag in een gecharterde Toepolev naar Moskou en staat hij daar op de stoep van de Nederlandse ambassade de pers te woord. Hij heeft 607 dagen gevangen gezeten, is achttien kilo lichter en uitgeput, heeft een rossige baard.

Achter hem glimmen de betrokkenen die middag van tevredenheid. De Nederlandse ambassadeur Hofstee, en half achter de deur de deur verscholen zijn discrete rechterhand Onno Elderenbosch. Naast het diplomatieke krijtstreep oogt de delegatie van Artsen zonder Grenzen, Arjans werkgever, als een uitstalkast van de tegencultuur. Woordvoerder Mark Walsh lijkt op een punkrocker op comeback-tournee, het Canadese bloemenkind Steve Cornish glimlacht engelachtig. Ook staat er rondom Arjan Erkel een groepje Russen van middelbare leeftijd die niemand kent. Vijftigers met enkele kolossen van lijfwachten, ook niet de jongsten meer. Een man maakt zich uit dat gezelschap los en valt Arjan om de nek. Die beantwoordt aarzelend zijn omhelzing. Dit is dus Valentin Velitsjko, hoort de pers, de redder van Arjan Erkel.

Velitsjko, een gewezen spion van de gevreesde KGB, voert de pers op 11 april het verhaal van de dag. Zijn organisatie voor KGB-veteranen in buitenlandse dienst heeft Arjan bevrijd zonder dat losgeld is betaald. 'Alleen onkosten.' Velitsjko raakte per toeval bij de zaak betrokken, via een e-mailtje dat de Nederlandse schaatscoach Henk Gemser bijna een jaar eerder naar een Russische sportvriend stuurde.

Alles verloopt die dag volgens script. Een fraai verhaal voor de pers, een snelle evacuatie van Arjan Erkel en verder zand erover. Rusland, dat door zijn zaak ernstig in verlegenheid is gebracht, wil zo snel mogelijk van Arjan af. De partijen die voor de ambassade in Moskou zo eendrachtig glimlachen, hadden een week eerder nog zo'n hoog opgelopen ruzie dat ze niet meer met elkaar communiceerden. Nu is afgesproken ddat men zich van kritiek op elkaar zal onthouden.

Het herenakkoord houdt niet lang stand. Anderhalve maand later, op 28 mei 2004, komt de Franse krant Le Monde met een opmerkelijke primeur. De Nederlandse regering heeft een miljoen euro voor de vrijlating van Arjan betaald, schrijft Le Monde op basis van een anonieme bron, waarschijnlijk uit de Franse afdeling van Artsen zonder Grenzen. Nu wil Nederland zijn miljoen terug en dreigt AzG met een Europese lobby om haar subsidies te kortwieken.

Thomas Linde, de directeur van AzG-Zwitserland en Arjans directe werkgever, heeft het tij nog geprobeerd te keren door Den Haag de helft van het losgeld te bieden. Den Haag wil het hele miljoen terug, maar vraagt Linde in elk geval met die helft over de brug te komen. Als machtige secties binnen AzG - AzG-Frankrijk, AzG-Internationaal - zelfs dat tegenwerken, barst de bom.

De regering kan zich na de primeur van Le Monde op 28 mei tot een 'geen commentaar' beperken, maar de testosteronspiegel staat inmiddels ook in Den Haag zo hoog dat men besluit terug te slaan. De miljoen euro is inderdaad betaald, als voorschot omdat Artsen zonder Grenzen het bedrag niet tijdig kon 'ophoesten', erkent de verantwoordelijke diplomaat, Peter van Wulfften Palthe. AzG zou hebben beloofd terug te betalen. Zo ontstaat een unieke situatie. Het is gebruik dat alle partijen na een ontvoering zwijgen over losgeld. Maar nu is officieel bevestigd dat Nederland een miljoen euro aan misdadigers heeft uitgekeerd en moet een Zwitserse rechter beslissen of AzG dat moet terugbetalen.

Het is de laatste bizarre wending in een ontvoeringsaffaire. Die begint eind maart 2003, als Arjan al ruim zeven maanden ontvoerd is zonder dat de kidnappers iets van zich lieten horen. Al is in februari wel een rekening op de mat van AzG geploft: de ontvoerders hebben dan ruim vijftig telefoontjes gepleegd met het mobieltje van Arjan. In maart sturen de kidnappers levenstekens: twee polaroid-foto's van Arjan en twee brieven. Ze zijn al oud, dateren uit januari en februari.

Die eerste levenstekens arriveren in Den Haag juist als Arjans werkgever Artsen zonder Grenzen via een internetpetitie de Russische overheid tot meer actie wil aanzetten. De Nederlandse regering is daar mordicus tegen: publiciteit brengt Arjan in gevaar, denken de diplomaten. Dus krijgen Arjans vader Dick en zijn broer Diederik op 29 maart, als ze op het punt staan naar Dagestan te reizen om de internetpetitie van AzG aan te bieden, in Moskou van de Nederlandse ambassadeur Hofstee te horen dat ze subiet naar Nederland moeten terugvliegen.

Rare avond

Een dag later krijgen de Erkels in Rotterdam te horen dat Arjan nog leeft. Als Buitenlandse Zaken een juichende familie verwacht, komt het bedrogen uit. Broer Diederik Erkel: 'Het werd een rare avond. Ze hadden levenstekens, maar die waren al maanden oud. Zo oud, dat we vermoedden dat Den Haag ze even achter de hand had gehouden om de mediacampagne van Artsen zonder Grenzen te saboteren.' Broer Edger Erkel: 'Dan heb je een probleem met ons. Niet het goede smoesje.' Dat weekeind gaat er iets kapot tussen de drie partijen die Arjan moest bevrijden: Artsen zonder Grenzen, Buitenlandse Zaken en de familie Erkel. De ruzie over de juiste aanpak - stille diplomatie of luide mediacampagnes - loopt daarna steeds hoger op.

De eerste levenstekens van maart 2003 bereiken Den Haag via de olierijke Kaukasusrepubliek Azerbajdzjan, 'via 27 mysterieuze schijven', aldus de diplomaten. De familie Erkel moet brieven schrijven voor Arjan - die hem nooit bereiken - en er komt een uitnodiging: stuur een bemiddelaar naar hotel Hyatt Regency in Bakoe, Azerbajdzjan, om over losgeld te praten. AzG gaat niet op die uitnodiging in. Daarna vallen de kidnappers weer stil.

Op 12 augustus 2003, een jaar na de ontvoering, probeert AzG dan de zaak te forceren met een nieuwe mediacampagne. Als voorbereiding lekt het gevoelige informatie naar NRC Handelsblad: bij de ontvoering van Arjan Erkel keken twee agenten van de Russische veiligheidsdienst FSB werkeloos toe, enkele dagen voor zijn ontvoering dineerde Arjan Erkel met twee Amerikaanse militaire waarnemers. De suggestie: Arjan Erkel is door de Russen ontvoerd, omdat hij van spionage werd verdacht.

Artsen zonder Grenzen speelt daarmee hoog spel. De binnenlandse veiligheidienst FSB, een van de erfgenamen van de KGB, begint zich omstreeks die tijd juist actief met de zaak-Erkel te bemoeien. Op 23 juni heeft de FSB een videotape van Arjan Erkel bij de Nederlandse ambassade gebracht, een maand later zijn een diplomaat en een medewerker van AzG op uitnodiging van de Russische veiligheidsdienst naar Dagestan gereisd om een nieuw levensteken van Arjan in ontvangst te nemen: opnieuw een foto.

Maar Artsen zonder Grenzen vermoedt dat de levenstekens zoethoudertjes zijn. Telkens als AzG een mediacampagne op touw zet die Rusland in verlegenheid brengt, is er een levensteken. De FSB heeft kennelijk een lijntje naar de ontvoerders. 'We zijn nog niet en tempo om de Russen openlijk te betichten van directe betrokkenheid bij de kidnapping', schrijft het crisisteam van AzG in juli. 'We willen die optie bewaren als laatste toevluchtmiddel.'

Wil de FSB de ontvoering werkelijk oplossen of rekt ze slechts tijd? Alleen de zweep houdt de ezel in beweging, denkt AzG. Daarom gaat het in augustus 2003 voluit in de aanval, betoogt voor het FSB-hoofdkwartier aan het Loebjankaplein in Moskou. 'We geven het proces een duw vooruit', zegt AzG-voorzitter Morten Rostrup optmistisch. 'Doen we dat niet, dan lopen we over een half jaar nog steeds in kringetjes rond.'

Een half jaar later loopt AzG nog steeds in kringetjes rond: de mediacampagne heeft niet geholpen. Door de FSB indirect van medeplichtigheid in de ontvoering te betichten, heeft ze de speelruimte van de veiligheidsdienst beperkt. Openlijke interventies voor Arjan lijken nu op een schuldbekentenis. Het geeft Arjans kidnappers bovendien een wapen in handen om de FSB te chanteren: als Arjan nu sterft, is dat in de ogen van de wereld een smet op het blazoen van de FSB. Het contact dat de FSB eerder in Dagestan aanbood, de zestienjarige 'Achmed', loopt dood. Diplomaat Onno Elderenbosch reist eind augustus nog eenmaal naar Machatsjkala, nu zonder AzG, maar bereikt weinig. Wel meldt Buitenlandse Zaken achteraf dat Arjan een half miljoen euro moet opbrengen, wat zich vreemd verhoudt met de bewering dat Den Haag nooit over losgeld heeft onderhandeld.

Mogelijk durft AzG in augustus 2003 de FSB aan te vallen, omdat ze op datzelfde moment in Amsterdam met de kidnappers onderhandelt over losgeld voor Arjan. Althans: dat denkt AzG. Het contact loopt via het Amsterdamse advocatenkantoor Rammelt. Die biedt een 26-jarige crimineel uit de Russische deelrepubliek Ingoesjetie aan, die met medewerking van de Nederlandse regering uit een Belgisch huis van bewaring wordt gehaald. De Ingoesjetier heeft zijn contact met de kidnappers bewezen door antwoord te geven op vijf vragen van AzG aan Arjan Erkel stelt. Arjan zelf beantwoordt die vragen in juni 2003 via een videotape.

Midden september 2003 denkt AzG dat de zaak rond is. Den Haag, opgelucht dat AzG losgeld wil betalen, vliegt 250.000 euro illegaal per diplomatieke post naar Moskou. De familie Erkel hoort dat Arjan binnenkort belt en daarna in de Kaukasische deelrepubliek Ingoesjetie wordt vrijgelaten. Maar Arjan belt niet, de ontvoerders voeren hun losgeldeis opeens op en zwijgen daarna. AzG betaalt Rammelt volgens bronnen ruim honderdduizend euro voor zijn goede diensten. Kenny Gluck van AzG sluit niet in de maling te zijn genomen: 'Er bestaat een treurige Kaukasische traditie van het verkopen van levenstekens om familie geld af te persen.' Men is weer terug bij af: het is niet gelukt om Arjan achter de rug van de FSB om te bevrijden.

Schaakpartij

Arjan Erkel is inmiddels het middelpunt van een complexe Dagestaanse schaakpartij. De FSB, door AzG publiekelijk aan de schandpaal genageld, kan zich niet meer veroorloven de controle over de zaak te verliezen. Lokale mederwerkers zijn bij de kidnapping betrokken, en voor de top in Moskou dreigt politieke schade. Intussen heeft de formele leider van het onderzoek, de onderkolonel van de Dagestaanse politie Imamoetdin Temirboelatov, enkele ontvoerders gearresteerd en via beproefde methoden een bekentenis ontlokt. Temirboelatov weet dan wie Arjan heeft ontvoerd en waar hij zich bevindt, maar wordt door zijn superieuren van het onderzoek gehaald. 'We hoefden maar in de helikopter te stappen, op de juiste plaats te landen en Erkel te bevrijden', zegt de politieman nu. De Nederlandse regering en AzG, die in november 2003 een bestorming als optie krijgen voorgelegd, wijzen dat af als te riskant.

De kidnappers zelf worden vanaf de zomer van 2003 nerveus: ze zijn ontmaskerd. Arjan mag niet langer luchten en moet acht van zijn elf boeken inleveren om snel te kunnen vluchten. De zomer brengt hij door in de schemering. Voor de kidnappers staat het losgeld niet langer centraal: ze zoeken vooral garanties dan ze na Arjans vrijlating niet vervolgd of vermoord worden. Terwijl de FSB, de politie en Dagestaanse clans onderling concurreren over wie Arjan mag bevrijden - en het eventuele losgeld mag verdelen - sleept de impasse zich voort.

Artsen zonder Grenzen gaat in oktober 2003 in zee met een nieuwe onderhandelaar, die haar door de FSB nadrukkelijk wordt aanbevolen: Valentin Velitsjko, hoofd van de KGB-veteranenbond. AzG belooft drie maanden te zwijgen en zelf geen kanalen meer aan te boren om Arjan te vinden. Velitsjko heeft een oude band met Nederland. Hij is in 1988 als spion Nederland uitgezet. De BVD, de toenmalige Nederlandse inlichtingen- en veiligheidsdienst, betrapte hem bij pogingen om een Nederlandse zakenman en een wetenschapper te recruteren als Sovjetagent. Velitsjko houdt zich dan bezig met industriele spionage. Hij heeft geen ervaring in Dagestan, laat staan met ontvoeringen, maar als lid van het old boys network van de KGB heeft hij het volle vertrouwen van de FSB. Velitsjko kent zelfs president Poetin uit Oost-Duitsland, waar hij na zijn uitzetting uit Nederland even was gedetacheerd.

In december 2003 weet iedereen volstrekt zeker dat Arjan voor de kerst vrijkomt: Velitsjko en zijn KGB-veteranen reizen met 180.000 euro naar Dagestan om de drop te maken.

Dan, op 11 december, wordt onverwachts de politieman Temirboelatov opgepakt, hoofdonderzoeker in de zaak-Erkel, spin in het web van de Dagestaanse ontvoeringsindustrie en aanspreekpunt voor alle partijen. Temirboelatov zou zelf betrokken zijn bij de ontvoering van de elfjarige Gamid Gamidov, een telg uit een rijke en machtige familie die al drie jaar in handen was van dezelfde bende die Arjan Erkel heeft ontvoerd. De Russische pers valt massaal over Temirboelatov heen. De politieman komt zeven maanden na zijn arrestatie vrij en wordt gezuiverd van alle blaam. Zijn rivalen voor de bevrijding van Arjan hebben hem in de val gelokt, zegt hij. Ze wilden hem uit de weg hebben om het losgeld voor Arjan onder hun vrienden te verdelen. Veel wijst erop dat hij gelijk heeft.

Arjan komt niet voor de kerst vrij. De KGB-veteranen keren midden december met het losgeld naar Moskou terug. Voor de familie Erkel is na deze nieuwe dode mus de maat vol. Vader Dick wil externe deskundigen inschakelen, een fonds oprichten om losgeld voor Arjan in te zamelen en zelf met geld naar Dagestan reizen. Van dat plan ziet hij gelukkig af.

Na de jaarwisseling bereiken verontrustende berichten AzG en Buitenlandse Zaken. Arjan lijdt aan een longziekte, zijn ontvoerders willen hem na het fiasco van december uit de weg ruimen. Achteraf blijkt er met Arjans gezondheid niets aan de hand: het lijkt ordinaire psychologische oorlogsvoering om het losgeld te verhogen. De Russische veiligheidsdienst FSB vraagt volgens een goede bron Den Haag eind januari 2004 om buiten medeweten van AzG een half miljoen euro te betalen: dan 'regelt' de FSB de bevrijding verder zelf wel. De Nederlandse regering, die niets van dit voorstel zegt te weten, durft het niet aan. Wellicht had dat de ontvoering van Arjan enkele maanden bekort en het losgeld gehalveerd.

Tussenfiguren

In maart 2004 stort alles ineen. Artsen zonder Grenzen grijpt het dan al anderhalf maand oude nieuws over Arjans slechte gezondheid aan voor een nieuwe mediacampagne, nu nog schriller en beschuldigender richting Rusland en de Nederlandse regering. De familie Erkel, inmiddels helemaal op de stille lijn die Den Haag voorstaat, dreigt met juridische stappen en stelt AzG verantwoordelijk voor het lot van Arjan. Als AZG via slinkse wegen de perscampagne toch doorzet, volgt een definitieve breuk: AzG, de regering en de familie praten vanaf eind maart niet langer met elkaar.

Voor de kidnappers is de situatie ideaal. De vuistregel bij ontvoeringen is helder: slechts een persoon onderhandelt met de ontvoerders. Daarvan is nu geen sprake meer. De 'kopers' van Arjan Erkel zijn murw geslagen, onderling verdeeld en uitgeput, AzG schakelt in paniek duistere tussenfiguren in. Los van elkaar drukken de partijen op allerlei knoppen, ze zijn bereid om elke strohalm te grijpen om de impasse te doorbreken.

Ook voor het Kremlin wordt de zaak-Erkel irritant: de Franse president Chirac en de Duitse bondskanselier Schroder pleiten openlijk bij president Poetin voor Arjan Erkel. Op 8 april krijgt de Nederlandse ambassadeur Hofstee dan van de FSB-kolonel die de zaak-Erkel behandelt een telefoontje: een miljoen euro binnen een etmaal in Moskou, dan komt Arjan vrij. Of is dat aanbod van eerdere datum, zoals AzG vermoedt, en ligt de miljoen euro die dag al op de ambassade in Moskou klaar? Heeft Den Haag een deal gesloten met de FSB en zet ze AzG op 8 april onder tijdsdruk om haar een toezegging over terugbetaling van het losgeld te ontfutselen? Over die vraag moet de Zwitserse rechter beslissen, als de partijen geen schikking treffen om deze genante affaire uit de wereld te helpen.

Een ding staat vast: de KGB-veteranen van Valentin Velitsjko, in de pers opgevoerd als redders van Arjan Erkel, hebben weinig met de 'deal' van april te maken. Het kost de FSB op 8 april ruim een dag om ze ueberhaupt te vinden: de heren vieren Pasen op hun buitenhuizen. De ex-KGB'ers dienen louter als 'postduiven', die op de ambassade het losgeld in ontvangst nemen, in Dagestan bij de FSB afgeven en daarna de pers te woord staan. Arjan zelf ziet pas uren na zijn bevrijding de eerste KGB-veteraan, op het hoofdkantoor van de FSB in Machatsjkala.

Achteraf lijken alle drie partijen te beseffen dat ze weinig elegant optraden in de affaire-Erkel. 'We zijn niet gewend te opereren in een criminele schaduwwereld', zegt AzG'er Kenny Gluck. 'Het was zo eenvoudig om ons op het verkeerde been te zetten.' Maar als AzG dat vindt, had het de zaak dan niet beter aan professionals kunnen uitbesteden, zoals de familie Erkel steeds wenste? Buitenlandse Zaken zette op haar beurt tijdens de affaire-Erkel het Korps Landelijke Politiediensten, die normaliter belast is met buitenlandse ontvoeringen, buiten spel: de zaak lag politiek te gevoelig. Met als gevolg dat ook daar de amateurs het voor het zeggen hadden.

'Den Haag denkt dat het fair play was', zegt een gewezen Russische geheim agent die in dienst van AzG het dossier-Erkel doorspitte. 'Maar onze jongens hebben die brave diplomaten bij de neus genomen. En nu slepen zij Artsen zonder Grenzen voor de rechter!' Wie ging met de miljoen euro aan de haal? De bewakers van Arjan hebben weinig geld gezien, denken de meeste betrokkenen. 'Het miljoen is in een keten van tussenpersonen verdwenen, daarachter stonden mannen met FSB-epauletten', vermoedt een Dagestaanse insider.

De affaire-Erkel biedt zo vooral lessen over hoe niet op een ontvoering te reageren. 'Het zou komisch zijn als het niet zo treurig is', zegt de bij de zaak betrokken psychologe Ellen Giebels. 'Drie partijen die steeds de baas willen spelen over het proces. Tot het op betaling van losgeld aankwam, toen was de ander opeens de baas.'

Twee boeken over Erkel

Wie ontvoerde de hulpverlener Arjan Erkel en waarom liep de zaak uit op een voor iedereen zo beschamend losgeldschandaal? Dat waren vragen die correspondent in Moskou Coen van Zwol interesseerden toen hij ruim een jaar geleden besloot in samenwerking met Arjan een boek over zijn ontvoering te schrijven. De eerste vraag bleek in de ondoorzichtige Russische deelrepubliek Dagestan moeilijk eenduidig te beantwoorden, de tweede vraag wel. Na tientallen uren aan interview en het over en weer schuiven van een serie proefhoofdstukken liep de samenwerking met Arjan Erkel spaak. Arjan wilde een boek in de ik-persoon en eiste het co-auteurschap op. Hij heeft nu zijn eigen boek geschreven: 607 dagen tussen leven en dood (uitg. Balans, prijs 15 euro).

'Gijzelaar van de Kaukasus' (uitg. Prometheus, prijs 14,95 euro) van Coen van Zwol verschijnt dinsdag bij uitgeverij Prometheus. In dit Zaterdagsbijvoegsel een aantal bevindingen uit het onderzoek voor 'Gijzelaar van de Kaukasus'.

Arjan Erkel wordt in Moskou na zijn vrijlating omhelsd door ex-spion en hoofd van de KGB veteranenbond Valentin Velitsjko, 11 april 2004 Foto Oleg Klimov



LOAD-DATE: June 4, 2005

LANGUAGE: DUTCH


© 2005 PCM Uitgevers B.V.