Brief UR collegegelddifferentiatie en selectie aan de poort (juni 2004)
Griffie
Spiegel – kamer 500
|
Telefoon |
053 - 489 2027 |
|
UR 04-207 |
Fax |
|
|
22 juni 2004 |
j.ribberink-vanmiddelkoop@utwente.nl |
Betreft: Algemene gang van zaken: Collegegelddifferentiatie en Selectie aan de Poort
De ontwikkelingen in de politiek zijn radicaal: collegegelddifferentiatie en selectie aan de poort behoren nu tot de mogelijkheden. Het ministerie heeft aangegeven dat instellingen gevraagd worden om te gaan experimenteren met deze zaken. De URaad ziet hier duidelijk een aantal kansen voor de UT, maar niet direct in het verlengde van de gegeven mogelijkheden.
In deze notitie wordt eerst in drie studiefasen geschetst wat de mogelijkheden zijn voor het vormgeven van selectie en collegegelddifferentiatie. Hierna zullen kort projectvoorstellen worden gedaan op basis waarvan de UT mee kan doen met pilot-projecten van de staatssecretaris.
Selectie & Collegegeld
Bachelor
De UR vindt dat iedereen met een VWO-diploma of VWO-waardig diploma toegang moet kunnen krijgen tot de Bacheloropleidingen van de UT. De steeds meer variërende instroom door de verschillende voortrajecten van de studenten kan druk gaan uitoefenen op de rendementen van de opleiding. Mogelijkheden voor het verbeteren van deze rendementen liggen volgens de UR in het principe ‘iedere student op de juiste plaats’. Middels een betere begeleiding en voorlichting valt hier zeer veel te winnen. Een voorbeeld om deze begeleiding en voorlichting te verbeteren is het instellen van een intake gesprek, waarin iedere student die zich inschrijft voor een opleiding een gesprek krijgt waarin verwachtingen over de opleiding worden uitgesproken en de basis wordt gelegd voor de studiebegeleiding.
Financiële redenen mogen nooit een belemmering zijn voor Nederlandse studenten die een (1ste) bacheloropleiding willen gaan volgen. Dit impliceert dat een collegegeld verhoging onwenselijk is voor bacheloropleidingen. Voor buitenlandse studenten zou een hoger (kostendekkend) collegegeld wenselijk kunnen zijn, indien de overheid geen financiering voor deze studenten verleent.
Doorstroom Master
De zogenoemde doorstroom master moet toegankelijk zijn voor iedereen met de juiste vooropleiding. Gezien de zeer diverse instroom in de master (Nederlandse / buitenlandse bachelors, HBO bachelors, etc.) is het wenselijk om een intake gesprek te voeren. Het gesprek kan ook al plaatsvinden ruim voordat iemand zou beginnen aan zijn master. Wederom heeft dit intake-gesprek eenzelfde functie als bij de Bachelor, een basis leggen voor de studiebegeleiding en de student op de juiste plek krijgen.
Evenals het collegegeld bij de bachelor zou iedere student zonder financiële problemen moeten kunnen doorstromen naar een master die in het verlengde ligt van de eigen bachelor. Om op korte termijn de instroom voor masters te verhogen, kan de UT kiezen om het collegegeld te verlagen. Ook geldt dat voor buitenlandse studenten het collegegeld verhoogd kan worden, indien de overheid onvoldoende financiering geeft voor deze studenten.
Top Master
Een master met de ‘top’ status zoals afgegeven door de NVAO moet natuurlijk ‘top’ blijven. Aan het begin van dit soort Masters zou dus wel degelijk een harde selectie op grond van de kwaliteit van studenten kunnen plaatsvinden.
Het vragen van een hoger collegegeld voor top-masters zou overwogen kunnen worden bij opleidingen met een ‘erkende evidente meerwaarde’. Hierbij wordt wel uitgegaan van een mogelijkheid van financiering voor studenten, bijvoorbeeld door sponsoring vanuit het bedrijfsleven. De precieze inhoud van de ‘erkende evidente meerwaarde’ is nog vaag, gedacht kan natuurlijk worden aan hogere kwaliteit van het onderwijs (aantoonbaar) en een betere positie op de arbeidsmarkt van afgestudeerden.
Pilot-Projecten
De staatssecretaris heeft een tijdje geleden gevraagd aan alle universiteiten of zij bereid waren om op het gebied van selectie en collegegelddifferentiatie met een projectvoorstel te komen voor de eigen universiteit en een pilot te draaien. De UR vindt het een goed idee als de UT met enkele projectvoorstellen komt en doet in deze paragraaf enkele voorstellen.
· |
In 2005 wordt het collegegeld bij de bachelor-opleidingen Chemische Technologie en Technische Natuurkunde gehalveerd. Op deze manier kan gekeken worden of financiële motieven een rol spelen in de studiekeuze. |
· |
In 2005 begint de UT bij een bachelor-opleiding die wil meewerken aan het project met het uitnodigen voor een gesprek van alle mensen die zijn ingeschreven op 1 augustus 2005 voor het studiejaar 2005/2006. In dit gesprek kan de aankomende student met een vertegenwoordiger van de opleiding praten over verwachtingen en kan een inschatting gemaakt worden of de student op de juiste plek terecht komt. Aanvullend kan gekeken worden op welke terreinen de aankomende student kennis tekort heeft. |
· |
In 2005 start de UT de topmaster ‘Sociology and Nano-technology: The borders of the high-tech society’. Deze topmaster belicht de high-tech nano-technologie vanuit een sociologisch oogpunt. Deze topmaster benadrukt het karakter van de UT (2 kernen), wordt gegeven door (internationale) topdocenten en heeft een grote meerwaarde op de arbeidsmarkt door de grote vraag naar sociologisch ingestelde nano-technologen. Deze master biedt alleen toegang voor studenten die kunnen aangeven dat zij kwalitief beter zijn. |