Marsmissie onder de grond

vrijdag 23 oktober 2009

In Nederland ligt onder de grond ongeveer 120.000 kilometer gasleiding. Onderzoeker Edwin Dertien van de Universiteit Twente werkt aan een robot die zelfstandig de gasleidingen moet kunnen inspecteren. De langwerpige robot beweegt zich hierbij als een soort slang door het leidingennetwerk. “Het is net een marsmissie, maar dan onder de grond.”

De Pirate (Pipe Inspection Robot for Autonomous Tunnel Exploration) heeft iets weg van een miniatuurtreintje. Hij is ruim een halve meter lang en heeft acht wielen. Op het moment sleept hij nog een stroomdraad achter zich aan, maar in het ontwerp is al rekening gehouden met ruimte voor een accu, zodat hij straks zelfstandig kan rondrijden. UT onderzoeker Edwin Dertien werkt al sinds 2006 aan de robot. Dit doet hij samen met ingenieursbureau Demcon, netwerkbedrijf Alliander en onderzoeksbureau Kiwa Gastec.

Preventief

Dertien licht toe waarom hij de Pirate ontwikkelt: "Jaarlijks worden er in Nederland ongeveer 8000 gaslekken ontdekt. Een gedeelte wordt gevonden omdat mensen een gaslucht ruiken en een gedeelte wordt opgespoord met behulp van 'snuffelsystemen', sensoren die een gaslucht kunnen 'ruiken'. Het nadeel hiervan is dat je zwakke punten in de leidingen pas te laat vindt, namelijk als er al een lek is ontstaan. De Pirate moet preventief zwakke punten in de leidingen op kunnen sporen."

Marsmissie

Een robot bouwen die door gasleidingen kan rijden klinkt eenvoudig, maar Dertien legt uit dat er behoorlijk wat bij komt kijken. "Rechtdoor rijden is niet zo moeilijk, maar in de leidingen kom je allerlei obstakels tegen, variërend van bochten tot buisvernauwingen en van klepafsluiters tot diagonale buizen." Daar bovenop komt dat het nauwelijks mogelijk is om te communiceren met de robot als die ondergronds rondrijdt. Dertien vergelijkt het met een marsmissie. "Ook daar moet een robot navigeren op onbekend terrein en kunnen reageren op prikkels die zijn sensoren waarnemen. De robot moet dus zo slim zijn dat hij ondanks verstoringen gewoon door kan blijven rijden en zijn missie af kan maken."

T-stuk

De Pirate is gebouwd voor buizen met een diameter van 5 centimeter tot 12 centimeter. De robot klemt zich in de buis vast door zijn voorste en achterste segmenten in een omgekeerde V-vorm te vouwen. Door deze klemtechniek kan de robot ook in schuine buizen rijden. Om te zorgen dat de robot daarnaast ook bochten kan maken, zit er halverwege de Pirate een as die het mogelijk maakt, dat de voor- en de achterkant onafhankelijk van elkaar kunnen draaien.

Op het moment verfijnt Dertien samen met afstudeerder Harwin Reemeijer de besturing van de robot. "Het moeilijkste is het maken van een haakse bocht, zoals bij een T-stuk. Als de voorste helft van de robot de bocht ingaat, moet hij namelijk de wand loslaten en ben je dus een gedeelte van de klemkracht kwijt."

Ogen en oren

Zodra de aansturing van de robot goed functioneert, wordt de robot uitgerust met sensoren die als het ware de ogen en oren van het apparaat vormen. Dertien zal de robot daarom voorzien van een camera en een laser die samen niet alleen 'zien' waar de robot heen gaat en waar obstakels zich bevinden, maar die ook kunnen meten of de buis nog rond genoeg is en niet is ingedeukt, bijvoorbeeld door een boomwortel. Een ultrasone microfoon zal fungeren als de oren van de robot en luisteren of er ergens gas uit de leiding ontsnapt.

Dertien verwacht dat zijn robot over drie tot vier jaar zijn eerste ritjes door het Nederlandse gasleidingenstelsel zal maken.

robot10023.jpg0014.jpg0018.jpgPicture4.jpgPicture1.jpgPicture2.jpg