Behalve de spanning kan voetbal ook zijn sociale gezicht
terugkrijgen. Maar alleen als Europa dat wil. Een coderingsverbod
voor voetbalbeelden en een progressieve sociale heffing voor
voetbalclubs zou al helpen. Dat schrijft Tsjalle van der Burg,
onderzoeker aan de Universiteit Twente, in 'Een kleine economie van
het voetbal'. Het verschijnt begin juni bij Arko Sports Media.
Jaar in jaar uit domineren een paar clubs de nationale en
internationale competitie: voetbal is minder leuk dan het was,
stelt Van der Burg, verbonden aan het Centre of European Studies
van de Universiteit Twente en lid van de International Association
of Sports Economists. In 29 korte hoofdstukken schetst hij de
economische ontwikkelingen in het voetbal en de mogelijkheden om
die in goede banen te leiden. Zijn boekje maakt de
wetenschappelijke inzichten daarover voor een breed publiek
toegankelijk.
Saamhorigheid
Krijgt het Europese voetbal een Amerikaans gezicht? Of brengen
we het terug naar zijn sociale oorsprong, vraagt Van der Burg.
Lange tijd weerspiegelden lage prijzen en volle stadions in Europa
een cultuur van saamhorigheid. Waarom hebben we een sector die -
zonder op winst gerichte eigenaars - puik presteerde, niet gewoon
zijn eigen karakter laten behouden? Liefhebbers en
belastingbetalers betalen nu steeds meer voor een product dat niet
beter wordt, sterker nog: aan spanning en plezier inboet.
Tegen deze malaise is al een keur aan maatregelen voorgesteld of
intussen ingevoerd. Neem de salary cap. Die dwingt clubs
minder aan spelers te betalen en neemt een belangrijke reden weg om
hoge leningen aan te gaan. Ook kan de Europese Unie simpel regelen
dat in alle landen dezelfde voetbalbeelden gratis zijn - met een
coderingsverbod voor alle beelden waarbij reclameopbrengsten de
productiekosten overtreffen. Dit maakt het voetbal goedkoper én
spannender, het boek legt uit waarom.
Roots
Een andere optie, die deze tak van sport bovendien herinnert aan
zijn sociale roots: in overleg met de UEFA verplicht de EU alle
clubs ertoe vanaf 2014 een deel van hun inkomsten aan sociale
projecten te besteden. De rijkste clubs moeten het meeste
bijdragen, ook in verhouding tot hun inkomsten.
Of dit alles gebeurt? Alleen als de EU het wil, denkt Van der
Burg. Dat Europa kampioen is van de vrije markt, een harde euro en
begrotingsdiscipline, weet hij ook wel. Toch is het "een rechts
project met een links potentieel". Dat van het profvoetbal een
gouden kans krijgt om zich van zijn sociale kant te laten zien.
Tsjalle van der Burg publiceert al tien jaar over de economie
van het voetbal, in internationale wetenschappelijke tijdschriften,
maar ook in bijvoorbeeld NRC Handelsblad en
Trouw. Voor De Twentsche Courant Tubantia schreef
hij colums. Dit boek is daar voor een belangrijk deel op
gebaseerd.
Voor de pers:
Meer informatie: dr. T. van der Burg, tel. 053-489 3214, e-mail:
t.vanderburg@utwente.nl. Contactpersoon Universiteit Twente,
afdeling Communicatie: drs. B. Meijering, 053-489 4385, b.meijering@utwente.nl.
Het boek is in elektronische versie aan te vragen bij Arko Sports
Media, 030-707 3000, marketing@arko.nl.