Zaagtanden zorgen voor stillere windmolens
03 september 2009
Het geluid van windmolens halveren, zonder dat er energie verloren gaat. Door het plaatsen van zaagtanden op de bladen van windmolens is dit nu mogelijk. De zaagtanden zijn ontwikkeld door Stefan Oerlemans van de Universiteit Twente en het NLR. Hij onderzocht eerst waar geluid op windmolens ontstaat en gebruikte deze kennis om de zaagtanden te ontwerpen, die het geluid halveren. Oerlemans promoveert op 4 september aan de faculteit Construerende Technische Wetenschappen.
Draaiende windmolens maken een typisch zoevend geluid. Dit
geluid wordt door omwonenden vaak als irritant ervaren en daardoor
draaien windmolens lang niet altijd op vol vermogen. Of worden
plannen voor nieuwe windmolens afgewezen. Stefan Oerlemans,
promovendus aan de Universiteit Twente en werkzaam bij het
Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Laboratorium (NLR), onderzocht wat
het geluid van de windmolens veroorzaakte en kwam met een oplossing
om het geluid te halveren, zonder dat er energie verloren gaat.
Daarvoor werden zaagtanden op de achterrand van het buitenste kwart
van van de bladen geplaatst (zie figuur).

Zaagtanden op de achterrand van het buitenste kwart
van de bladen.
Geluiddetectie
Om het geluid van windmolens te kunnen verminderen, moest
Oerlemans eerst te weten komen wat het geluid veroorzaakt en waar
dit wordt geproduceerd. Daarvoor gebruikte hij de akoestische
antennemethode. Deze methode maakt gebruik van een groot aantal, op
een plat vlak gemonteerde, microfoons. Aan de hand van de
verschillen tussen de tijdstippen waarop een geluidssignaal de
verschillende microfoons bereikt, is exact te berekenen waar dat
geluidssignaal ontstaan is.
Uit de metingen kwam naar voren dat het merendeel van het geluid
van windmolens wordt veroorzaakt door de luchtstroming langs de
bladen. Het geluid veroorzaakt door mechanische onderdelen van de
windmolen bleek zeer gering. Tevens bleek dat het meeste geluid
afkomstig is van de buitenste delen van de bladen op het moment dat
het blad omlaag beweegt (zie figuur). Dit geluid ontstaat door
turbulente wervels in de luchtstroming rond de bladen. Door de
zaagtanden op de achterrand van de bladen te plaatsen, werd het
geluid gehalveerd.

Een windmolen waarbij de geluidsbronnen zijn weergegeven. Op de
rode plaatsen ontstaat het meeste geluid.
Uilenborstels
De nieuwe methode en resultaten komen voort uit een breder
onderzoek naar geluid van vliegtuigen en windturbines. Oerlemans
gaat voorlopig nog verder met zijn onderzoek. Zijn droom is om nog
stillere windmolens te ontwikkelen. Het idee is er al. Uilen
vliegen vrijwel geruisloos. Aangenomen wordt dat de zachte wollige
veertjes, die kenmerkend zijn voor de achterrand van uilenvleugels,
de vogel daartoe in staat stellen. Een rij borstelharen op de
achterrand van de bladen van windmolens zou dus ook een verstillend
effect moeten hebben. In windtunneltesten is al aangetoond dat dit
werkt, maar in de praktijk moet het nog bewezen worden.
Noot voor de pers:
Stefan Oerlemans promoveert op 4 september in de vakgroep
Engineering Fluid Dynamics van de faculteit Construerende
Technische Wetenschappen en het onderzoeksinstituut Impact. Hij
werd begeleid door prof. dr. ir. A. Hirschberg en dr. ir. P.
Sijtsma. Het onderzoek is uitgevoerd bij het Nationaal Lucht- en
Ruimtevaart Laboratorium, in samenwerking met projectpartners
Gamesa, General Electric, Universiteit van Stuttgart en het
Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN).
Het proefschrift Detection of aeroacoustic sound sources on
aircraft and wind turbines is op verzoek digitaal
beschikbaar.
Contactpersoon voor de pers: Rianne Wanders,
053-4892721 of Joost
Bruysters, 053-4892773