Sneller biomoleculen identificeren
05 januari 2010
Onderzoekers van de Universiteit Twente hebben in een door
Technologiestichting STW gefinancierd project een methode
ontwikkeld om de activiteit van biomoleculen te meten die veel
sneller en gevoeliger is dan de bestaande techniek. Hiermee kunnen
bijvoorbeeld antistoffen in zeer kleine bloedmonsters worden
aangetoond, en dat in enkele minuten tijd waar het met de gangbare
methode een paar uur duurt. De onderzoekers publiceerden hierover
in de decembernummer van het vaktijdschrift Analytical Methods. Het
nummer heeft een illustratie op de omslag die geïnspireerd is op
hun onderzoek.
In de microbiologie en het biomedische onderzoek horen zogeheten
microarrays tegenwoordig tot het standaard instrumentarium voor
onderzoek. Een microarray bestaat uit een plaatje met daarop een
regelmatig patroon van plekjes of spots van verschillende zogeheten
liganden. Dat zijn stoffen die zich aan biomoleculen binden en er
zo een complex mee vormen. Op de microarray breng je daarna een
vloeistof, bijvoorbeeld bloed aan, om die te onderzoeken op de
aanwezigheid van biomoleculen waarin je geïnteresseerd bent.
De neiging van de liganden om te binden - in vaktaal "binding
affinity" - is karakteristiek per complex van ligand en
biomolecuul. Kenmerkend is ook de stevigheid van de binding.
Bindingen vormen zich en laten weer los. Dit leidt tot een
verhouding tussen zogeheten associatie en dissociatie die per
biomolecuul verschillend kan zijn. Tenslotte zal het signaal
sterker worden in kortere tijd naarmate er meer van een bepaald
soort biomolecuul is. In de gangbare techniek wordt op de array één
bepaalde concentratie aan liganden aangebracht, waarna wordt
gemeten. Voor een volgende meting moet je eerst de dunne film van
biomoleculen verwijderen om de ligandenlaag weer schoon te spoelen
voordat je een volgende meting van biomoleculen kunt doen. In zijn
geheel duurt een bepaling al snel enkele uren. Bovendien kun je met
heel kleine monsters deze procedure niet uitvoeren. Daar heb je dan
te weinig materiaal voor.
Ganeshram Krishnamoorthy (STW), Edwin Carlen, Bianca
Beusink, Richard Schasfoort en Albert van den Berg, allen verbonden
aan het MESA+ Instituut voor Nanotechnologie van de Universiteit
Twente, hebben nu een alternatief ontwikkeld. Zij vullen de
verschillende vakjes of spots op de microarray met liganden met een
steeds andere dichtheid per vakje. Daarna brengen ze maar één keer
de dunne film van het te onderzoeken monster aan en tasten
vervolgens het oppervlak van het microarray af met een
laserbundeltje. Wanneer een ligand zich bindt aan een biomolecuul
uit de dunne film, verandert de structuur van het ligandoppervlak.
Die verandering wisselt naarmate het ligand zich aan een ander
biomolecuul bindt. Valt de binding weer uiteen, dan krijgt het
oppervlak zijn oude structuur terug. Door te beschijnen met een
laser wek je zogeheten oppervlakteplasmonen op, lichtgolven die
elektronen in een dunne metaallaag laten trillen. Door het vormen
van bindingen verandert de brekingsindex voor licht aan het
oppervlak en dat verstoort de plasmonen. Het gevolg is dat er een
bekend natuurkundig verschijnsel gaat optreden: resonantie. Die
resonantie kun je met zogeheten imaging Surface Plasmon Resonance
(iSPR) afbeelden en zo'n beeld bevat precies de informatie die je
wil hebben over het bindingsgedrag van alle liganden
tegelijkertijd.
De onderzoekers hebben hun nieuwe techniek getoetst aan de
combinatie van microglobuline en zijn antistof en aan die van
menselijk IgG en zijn antistof. Tegelijk hebben ze deze combinaties
ook onderzocht met de gangbare techniek en de uitkomsten van beide
methoden kwamen sterk overeen. Hun nieuwe techniek, stellen de
onderzoekers, lijkt dus betrouwbaar en kan zonder problemen
gebruikt worden voor allerlei andere stoffen. De nieuwe methode
werkt veel sneller dan de oude (minuten tegen uren), vereist veel
minder materiaal voor de dunne film (je hoeft maar één laagje aan
te brengen), je hoeft geen labels te gebruiken, de methode is veel
gevoeliger (omdat je ook heel zwakke bindingen kunt waarnemen) en
je kunt in één keer een aantal verschillende biomoleculen
tegelijkertijd opsporen.

Een symbolische voorstelling van een meting aan
een microarray met de nieuwe methode die Twentse onderzoekers
hebben ontwikkeld. Deze illustratie siert de omslag van het
decembernummer van Analytical Methods.
Meer informatie bij:
Meer informatie bij ir. Ganeshram
Krishnamoorthy, telefoon 053 - 489 2724, dr. Richard B.M.
Schasfoort, telefoon 053 - 489 5621 of prof.dr.ir. Albert van den Berg,
telefoon 053 - 489 5653. Referentie:
Single injection microarray-based biosensor kinetics;
Ganeshram Krishnamoorthy, Edwin Carlen, Bianca Beusink, Richard
Schasfoort and Albert van den Berg, Analytical Methods, Vol. 1, No.
3, December 2009, 162-169.