Onderzoeker UT verbetert waterzuivering
Minder kosten en verbeterde wateropbrengst door optimale membranen
19 november 2009
Membraanbioreactoren (MBRs) zijn afvalwaterzuiveringsinstallaties waarbij de scheiding van actief slib en gezuiverd water plaatsvindt door middel van membraanfiltratie. Een groot nadeel van een MBR is dat de membranen vervuilen. Perry van der Marel van de Universiteit Twente en Wetsus ontwikkelde een meetmethode en gebruikte deze voor de verbetering van MBRs. De kosten van een MBR gaan hierdoor omlaag en het levert meer water op. Van der Marel promoveerde 18 november aan de faculteit Technische Natuurwetenschappen.
Een membraanbioreactor (MBR) is een
afvalwaterzuiveringsinstallatie waarbij de scheiding tussen actief
slib en gezuiverd water plaatsvindt door membraanfiltratie. Actief
slib is een mengsel van verschillende soorten bacteriën die het
water zuiveren. De belangrijkste voordelen van het gebruik van de
membraantechnologie ten opzichte van conventionele
afvalwaterzuiveringsinstallaties zijn een kleiner grondoppervlak
doordat de bezinktanks niet meer nodig zijn, en een betere
kwaliteit van het gezuiverde afvalwater. Een groot nadeel van een
membraanbioreactor is de membraanvervuiling door het slib. Die
vervuiling wordt veroorzaakt doordat slib zich afzet op het
membraanoppervlak of in de poriën van het membraan. Hierdoor kost
het steeds meer energie om het water door de membranen te krijgen.
Om een membraanbioreactor rendabel te maken, zal de vervuiling
omlaag moeten. Perry van der Marel van de Universiteit Twente en
onderzoeksinstituut Wetsus bepaalde de optimale
membraaneigenschappen, waarbij zo min mogelijk vervuiling optreedt.
Hierdoor gaan de kosten omlaag en gaat de wateropbrengst
omhoog.
Membraaneigenschappen
De membranen die gebruikt worden in een MBR verschillen in
poriegrootte, porievorm en het materiaal waarvan het membraan
gemaakt is. Van der Marel ontwikkelde een nieuwe meetmethode -
de verbeterde flux-stap methode - die voor alle typen
membranen en slibsoorten gebruikt kan worden. Deze methode bepaalt
de invloed van verschillende membraaneigenschappen op de maximaal
haalbare waterflux door het betreffende membraan. Van der Marel
onderzocht 15 veelgebruikte en zelfgemaakte membranen. Hieruit
concludeerde hij dat hydrofiele membranen met grote poriën en een
hoge porositeit het beste werken. Een keuze voor optimale
membraaneigenschappen kan de kosten van een MBR verlagen, omdat de
vervuiling lager is en er daardoor een hogere doorstroom wordt
bereikt. Hierdoor is een twee keer zo hoge wateropbrengst mogelijk.
Tevens zijn er geen, of minder, chemicaliën voor het reinigen van
de membranen nodig.
Mobiele membraanbioreactor
Van der Marel bouwde tevens een mobiele
membraanbioreactor. Wanneer je deze mobiele reactor naast een grote
installatie plaatst, kan Van der Marel in korte tijd meten of de
membranen en condities die in de grote MBR worden gebruikt wel
optimaal gekozen zijn.
Een membraanbioreactor.
Noot voor de pers:
Perry van der Marel promoveerde 18 november aan de
faculteit Technische Natuurwetenschappen. Hij voerde zijn onderzoek
uit binnen de vakgroep Membraantechnologie en het
onderzoeksinstituut IMPACT. Zijn begeleiders waren prof. Walter van
der Meer en dr. ir. Antoine Kemperman. De samenvatting van zijn
proefschrift 'Influence of membrane properties on
fouling in MBRs' is op verzoek digitaal beschikbaar.
Contactpersoon voor de pers: Rianne Wanders,
053-4892721.