Speldenprik voorspelt levensduur gasleidingen
Onderzoeker IMPACT ontwikkelt nieuwe meetmethodiek
22 januari 2010
De eerste gasleidingen van kunststof in Nederland zijn gemaakt van hard PVC en toegepast in de jaren zestig tot midden jaren zeventig. De levensduur werd toen geschat op 50 jaar. Nu, 50 jaar later, blijkt de levensduur toch langer dan geschat was. Er ontbreekt echter een methode waarmee de restlevensduur van deze leidingen eenvoudig en goedkoop kan worden bepaald. Daarvoor ontwikkelde Roy Visser van de Universiteit Twente een meetmethodiek Hiermee kunnen de gasnetbeheerders hun vervangingsbeleid afstemmen. Visser promoveert op 22 januari aan de faculteit Construerende Technische Wetenschappen.
In de jaren zestig zijn in Nederland voor het eerst leidingen
van kunststof gebruikt voor het aanleggen van het gasnetwerk. Tot
midden jaren zeventig werd hiervoor hard PVC gebruikt. In Nederland
ligt zo'n 22.500 km aan hard PVC-gasleidingen. De gedachte was dat
die leidingen ongeveer vijftig jaar mee konden gaan. Nu, vijftig
jaar later, blijkt dat deze leidingen nog steeds zonder problemen
functioneren. Het is echter de vraag of dit ook in de komende jaren
zo blijft. Omdat het vervangen van deze leidingen enorm kostbaar
is, is in opdracht van vier grote Nederlandse gasnetbeheerders
Cogas Infra en Beheer, Enexis, Liander en Stedin het onderzoek naar
de restlevensduur van hard PVC-gasleidingen gestart.
Roy Visser van de Universiteit Twente ontwikkelde een meetmethodiek
waarmee de restlevensduur van deze kunststofleidingen bepaald kan
worden.
Verbrossing
Bij gasleidingen bestaan er twee typen breuken, een taaie
breuk en een brosse breuk. Bij het eerste type breuk zijn de
gevolgen beperkt. Het tweede type breuk kan echter optreden als
gevolg van veroudering; het materiaal wordt langzaam brosser. Het
gevaar bij een brosse breuk is dat deze zich over een grotere
lengte voordoet, waardoor veel brandbaar gas vrijkomt en wat ook
moeilijk te repareren is.
Van hard PVC is bekend dat het verbrossingsverschijnselen kan
vertonen. Daarom is het van belang om te weten welke
verouderingsprocessen tot verbrossing van het materiaal leiden.
Visser stelde vast dat (fysische) veroudering de belangrijkste
oorzaak is van verbrossing van de gasleidingen. Een sterke
verbrossing beperkt de levensduur van het leidingmateriaal.
Rijp fruit
Om het verbrossingproces goed te volgen, gebruikt Visser
een methode waarbij de gasleidingen niet opgegraven hoeven te
worden, namelijk micro-indentatie. Bij deze methode wordt met een
klein naaldje in de leiding geprikt. Hoe ver het naaldje in de
leiding gaat en welke kracht hierbij nodig is, vertelt iets over de
mechanische eigenschappen en uiteindelijk de restlevensduur. Net
als je met je vinger kunt voelen of een stuk fruit onrijp, rijp of
overrijp is. De bruikbaarheid van deze methodiek wordt nu verder
onderzocht. Bij dit vervolg-project zijn ook andere
gasnetbeheerders, de waterleidingsector en de
kunststofleidingenindustrie aangesloten.
Noot voor de pers
Roy Visser promoveert op 22 januari aan de faculteit
Construerende Technische Wetenschappen. Hij voerde zijn onderzoek
uit in de vakgroep Productie Technologie en bij het
onderzoeksinstituut IMPACT. Zijn begeleiders waren prof. dr. ir.
Remko. Akkerman (UT), prof. dr. ir. Mannes Wolters (UT) en dr. ir.
Leon Govaert (TU/e). Zijn proefschrift Residual lifetime
assessment of uPVC gas pipes is op verzoek digitaal
beschikbaar.
Contactpersoon voor de pers: Rianne Wanders,
053-4892721.