Wijzigingen OER en R&R 2011 - 2012 docenten
WIJZIGINGEN OER EN R&R 2011-2012
Wijzigingen Onderwijs- en Examenregeling (OER) en Regels en Richtlijnen van de Examencommissies (R&R) 2011-2012
OER (Onderwijs- en Examenregeling)
De Onderwijs-en Examenregelingen 2011-2012 van MB zijn opgenomen in het facultaire Studenten Statuut voor de bacheloropleidingen c.q. de masteropleidingen.
De belangrijkste verschillen tussen de bachelor OER en de master OER betreffen de taal van het onderwijs (art. 4a), het Studieplan (art. 5, wel opgenomen in de bachelor OER, maar niet in de master OER) en de regeling rondom de 3e tentamenpoging (art. 8, lid3; idem).
Belangrijkste verschillen met afgelopen studiejaar (2010-2011)
a. |
Bachelor OER en Master OER |
· |
In een nieuw artikel over tentamenvormen en informatie over het tentamen (art. 8a) is opgenomen dat de docent, uiterlijk twee weken voor het begin van de onderwijsperiode waarin het onderwijs van een onderwijseenheid wordt aangeboden, de volgende aspecten van het tentamen bekend dient te maken, via Blackboard: |
o |
de tentameneisen (in ieder geval de literatuur) |
o |
nadere bepaling over de tentaminering( bijv.: open boek tentamen of niet, rekenmachines wel/niet toegestaan) |
o |
in het geval van een reeks (deel)toetsen of een combinatie van tentamenvormen, de weging van de verschillende onderdelen van het tentamen |
· |
Het recht om kennis te nemen van recente proef- en/of oude tentamens plus de norm van de bijbehorende beoordeling is na één jaar afwezigheid weer terug in de OER, met dien verstande dat in plaats daarvan de docent ook modeltentamenvragen met bijbehorende uitwerkingen mag aanbieden (artikel 8a, lid 4) |
b. |
alleen Bachelor OER |
· |
Het effect van het vorig jaar ingevoerde Artikel 8, lid 3, over het verzoek dat studenten moeten indienen voor een derde (en onverhoopt ook daaropvolgende) tentamenpoging indien zij na twee tentamen-pogingen voor een vak nog geen resultaat van 6 of hoger hebben behaald, wordt vanaf deze zomer voelbaar. Meer in detail zijn de volgende zaken van belang: |
o |
door een wijziging in de tekst van art. 8, lid 3 hoeft de docent niet meer betrokken te worden bij de opstelling van het plan van aanpak dat de student in het kader van dit verzoek dient in te leveren |
o |
de studieadviseurs van MB hebben een speciaal “Formulier 3e poging” ontworpen dat de student voor de indiening van het verzoek moet gebruiken. Op het formulier dient de student zijn geplande studieaanpak te vermelden en de studieplanning voor de betreffende periode. De aanpak dient gebaseerd te zijn op een serieuze analyse van de factoren die bij de eerste twee pogingen tot een onvoldoende resultaat hebben geleid. De planning dient realistisch te zijn in het licht van de gemiddelde studiesneldheid van de student tot nu toe |
o |
in de uitwerking die bij MB is gegeven aan deze regeling is opgenomen dat het tentamenwerk van studenten die een 3e poging doen zonder toestemming van de Examencommissie niet dient te worden nagekeken. Hoe hieraan uitwerking kan worden gegeven wordt in overleg met BOZ nog nader bekeken. |
· |
alleen voor BSK-ES en BK: hoewel de Gedragscode Voertalen van de UT niet uitsluit dat in bijzondere gevallen andere talen dan Nederlands of Engels worden gebruikt in de bacheloropleidingen (zie ook art. 4a van de nieuwe bachelor OER) is uit de opleidingsspecifieke bijlagen van deze opleidingen de zinsnede verwijderd dat te bestuderen teksten ook in het Duits kunnen zijn gesteld en dat in gastcolleges de Duitse taal kan worden gebezigd. Met de huidige vakkenpakketten op het VWO kunnen we niet verwachten dat al onze studenten het Duits voldoende machtig zijn. |
c. |
alleen Master OER |
· |
In een nieuw toegevoegd artikel genaamd “Language” (art. 4a) is een belangrijke aanscherping opgenomen van het facultaire beleid t.a.v. de taal waarin de masterscriptie dient te worden geschreven en verdedigd (lid 2). Die is in principe altijd Engels, behalve bij de track Recht & Bestuur van de master Public Administration. Studenten mogen een vertaling of samenvatting in het Nederlands maken – bijv. ten behoeve van de opdrachtgever – maar het eindcijfer voor de masteropdracht zal niettemin gebaseerd worden op de Engelse versie. Alleen als het vanwege het onderwerp of de opdrachtgever onmogelijk is om een scriptie in het Engels te schrijven mag de examencommissie toestemming geven om van deze regel af te wijken en de scriptie in het Nederlands te schrijven. Het recht van de examencommissie om van de regel af te wijken is vastgelegd in lid 2a van dit artikel. Daaraan zal echter de voorwaarde gekoppeld worden dat de Nederlandse versie vergezeld gaan van een Engelstalig wetenschappelijk artikel op basis van en over het afstudeerwerk. De omvang van dat onderdeel zal waarschijnlijk gesteld worden op minimaal 5000 of 7500 woorden (nadere informatie volgt, en wordt in elk geval opgenomen in de handleidingen voor de masteropdracht). Beide onderdelen zullen in dat geval beoordeeld worden voor het eindcijfer. |
· |
Artikel 8, lid 3, over de verplichting voor de student om na twee mislukte tentamenpogingen een gemotiveerd verzoek bij de Examencommissie in te dienen om alsnog een tentamen te mogen afleggen is voor de masterstudenten afgeschaft. Het opleidingsmanagement van de masteropleidingen van MB gaat ervan uit dat masterstudenten voldoende gemotiveerd en gericht met hun studie bezig zijn om dit besluit te rechtvaardigen. |
Andere verschillen met de OER (bachelor en master) van vorig jaar die voor docenten van belang kunnen zijn:
· |
Voor verplaatsen van een tentamen naar een ander tijdstip dan in het rooster is aangegeven, dient toestemming gevraagd te worden aan de opleidingsdirecteur (OLD), en niet meer aan de Examencommissie. De studenten dienen vanzelfsprekend van de verplaatsing op de hoogte worden gesteld (art. 8, lid 8) |
· |
In artikel 9, dat enkele bepalingen ten aanzien van mondelinge tentamens bevat, zijn enkele termijnen opgenomen die eerst niet geëxpliciteerd waren: |
o |
als je als student of docent derden aanwezig wilt laten zijn bij het afnemen van een mondeling tentamen, dan moet je dat uiterlijk 10 werkdagen voor dat tentamen melden aan de Examencommissie (n.b.: voor afstudeercolloquia is melding niet nodig!) |
o |
als de examencommissie heeft bepaald dat eigen commissieleden of een waarnemer namens de commissie aanwezig zal zijn bij het mondelinge tentamen, dan dient dit minimaal één werkdag vóór het tentamen aan de student en de examinator bekend te worden gemaakt |
· |
De termijn voor het recht van nabespreking (collectief, of, als deze niet wordt aangeboden, individueel) is veranderd van 20 werkdagen naar 5 weken (artikel 12, lid 1) |
· |
In artikel 17, lid 3 is bepaald dat de student desgewenst een gemotiveerd verzoek kan indienen bij de examencommissie om nog niet over te gaan tot het geslaagd verklaren voor een examen en het uitreiken van het diploma. Kort gezegd komt deze erop neer dat dit verzoek tegelijk met de aanvraag/aankondiging van het bachelor- resp. mastercolloquium dient te gebeuren als dit voor de betreffende student het laatste af te ronden onderdeel van de opleiding zal zijn (hetgeen bij masterstudenten altijd het geval is), dan wel op het moment dat de student van BOZ een bericht ontvangt met de mededeling dat hij volgens hun informatie alle onderdelen van de opleiding inmiddels heeft afgerond en dus kan afstuderen (hetgeen dus alleen voor bachelorstudenten kan gelden). De exacte procedures hiervoor zullen bij het begin van het nieuwe studiejaar beschikbaar zijn via de website van de Examencommissies. |
Regels & Richtlijnen van de Examencommissies
De examencommissies van de faculteit MB hebben de regels t.a.v. de uitvoering van taken op elkaar afgestemd en vastgelegd in de zogenaamde Regels en Richtlijnen (R&R) van de examencommissies. Voor alle opleidingen van MB geldt dus dat ten aanzien van de taken en bevoegdheden van de examencommissies alle regels hetzelfde zijn. De Regels en Richtlijnen van de examencommissies zijn opgenomen in het facultaire Studenten Statuut (bachelor en master).
Verschillen met afgelopen studiejaar (2010-2011)
· |
(alleen ES) In artikel 6, “Richtlijnen en aanwijzingen om tentamens te beoordelen en de uitslag vast te stellen”, is in lid 6 opgenomen dat voor de beoordeling van bachelor- en masteropdrachten in het kader van de Dubbeldiploma programma’s European Studies minstens één begeleider vanuit MB en één begeleider vanuit de Westfälische Wilhelms-Universität Münster in de commissie dient te zitten. |


