About

CENTER FOR EHEALTH RESEARCH

Oprichtings- en Strategiedocument 2009

I.

INLEIDING

In het najaar van 2006 zocht het strategisch onderzoeksproject ‘gettingBetter.nl’ (2007-2011) van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) samenwerking met het Institute for Behavioural Research (IBR) van de Universiteit Twente (UT) ten behoeve van samenwerking op het terrein van consumer health informatics.

Het IBR nam in februari 2007 prominent deel aan het symposium ‘Consumer health informatics en preventie’ dat werd belegd door het RIVM ter gelegenheid van de start van het ‘gettingBetter.nl’- project. In oktober 2007 is ten behoeve van en gefinancierd uit dit project een promovendus AIO aangenomen, aan de UT werkzaam op het terrein van eHealth en gedragswetenschappen. Eind 2007 werd dr. Eysenbach, vooraanstaand onderzoeker op het gebied van consumer health informatics (Universiteit van Toronto; Centre for Global e-Health Innovation) en als consultant verbonden aan het gettingBetter-project, door de UT als visiting professor aangetrokken met steun van het College van Bestuur.

Vervolgens werd in mei 2008 het eerste symposium ‘Supporting health by technology’ gehouden, een co-productie van de Universiteit Twente (UT) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Opkomst, publiciteit en inhoud bepaalden het succes van deze gebeurtenis die tevens de oprichting markeerde van een ‘Center for eHealth Research’ (CeHRes) aan de UT. Aanvankelijk werd dit gezien als een kenniscentrum, organiek onderdeel van het Center for health promotion and technology i.o. In november 2008 is vanwege interne beleidsoverwegingen besloten beide centra gescheiden van elkaar te ontwikkelen.

Het College van Bestuur en de Faculteit Gedragswetenschappen wil met het CeHRes haar onderwijs en onderzoek op het kruispunt van menswetenschappen, gezondheid, bestuurkunde en (medische) technologie beter profileren, zowel nationaal als internationaal. De beleidsmatige basis daarvoor wordt gevormd door strategische nota’s als ‘Route ‘14’, de nota Onderzoeksbeleid 2007-2010, het Instellingsplan 2005-2010, de Bestuurlijke agenda (2009-2010), de nota Research Centra (2008/9).

Het CeHRes streeft naar uitbreiding van transdisciplinaire samenwerking met andere faculteiten en naar profilering van het bijzondere karakter van de UT. Van daaruit streeft het bovendien naar intensivering van regionale, nationale en internationale samenwerking op het terrein van eHealth.

Vanaf september 2008 wordt met medewerkers van de vakgroep PCGR die op enigerlei wijze betrokken zijn op het eHealth terrein maandelijks overlegd over praktische en organisatorische zaken betreffende het CeHRes. Op 13 oktober 2008 is een strategiedag belegd. Daarbij is de directeur IBR nauw betrokken.

Het onderhavige oprichtings- en strategie document is een neerslag van dit overleg en voorziet tevens in de behoefte aan een Strategische Research Orientatie (SRO). Het is in opdracht van de wetenschappelijk directeur PCGR opgesteld, en wordt in het MT IBR vastgesteld.

De samenwerking tussen UT en het RIVM is naar een hoger niveau getild. Tijdens een kennismakingsbezoek met adviseurs en directeuren van het RIVM d.d. 17 november 2008 is de bestuurlijke intentie uitgesproken om de samenwerking te intensiveren. In het voorjaar 2009 wordt daartoe zowel de reeds de bestaande als de wenselijke UT-brede samenwerking geïnventariseerd. De gedragwetenschappelijke component is daarbij uitdrukkelijk genoemd. Vóór de zomer 2009 zullen de daaruit voortvloeiende, concrete activiteiten in een convenant worden vastgelegd. De zakelijk directeur IBR leidt dit proces aan UT zijde.

II.

HET DOMEIN VAN EHEALTH

Aan de definiëring eHealth zijn reeds vele publicaties en discussies gewijd. Het CeHRes hanteert hier de pragmatische definitie van Eysenbach (2001; 2005):

“e-health is an emerging field in the intersection of medical informatics, public health and business, referring to health services and information delivered or enhanced through the Internet and related technologies. In a broader sense, the term characterizes not only a technical development, but also a state-of-mind, a way of thinking, an attitude, and a commitment for networked, global thinking, to improve health care locally, regionally, and worldwide by using information and communication technology”(JMIR, 2001)

Het begrip ‘eHealth’ is een overkoepelende term voor gebruik van . internet, mobiele en ambient technologie ten behoeve van welzijn, gezondheid en gezondheidszorg, door behandelaars (ondersteuning en verbetering van preventie, diagnose, behandeling, nazorg, informatie-uitwisseling) en door consumenten (controle en beheer van gezondheid en leefgewoonten) ofwel Doctor-to-doctor;. Doctor-to-patient; Patient-to-patient.

Deze concepten zijn exponent van belangrijke en onomkeerbare maatschappelijke en wetenschappelijke ontwikkelingen.

In de samenleving zijn dat onder meer:

·

De noodzaak stijgende kosten voor gezondheid en gezondheidszorg te beperken;

·

Demografische trends ((drie)dubbele vergrijzing);

·

Informatiemaatschappelijke ontwikkelingen als Web 2.0 (3.0), Health 2.0 ook/juist onder professionals (zie onder);

·

Vigerend nationaal beleid volksgezondheid en zorg (w.o. EPD, preventie, chronische ziekten)

·

Medische informatica (patiëntveiligheid, informatie uitwisseling);

·

Emancipatie van burgers in hun rol van patiënt of zorgconsument (e-citizen, e-patient).

In de (toegepaste) wetenschap zijn dat onder meer:

·

ICT en gezondheid (eHealth)

·

Medicine 2.0

·

Informatiewetenschappen; enorme ontwikkelingen met de opkomst van ICT over ontsluiting van informatie, informatie(zoek)gedrag;

·

Mens-computer interactie; de gebruikerskant krijgt steeds meer aandacht (usability, fysiognomische en psychologische aspecten, digital skills, (e-)health literacy);

·

Gedrags- en sociale wetenschappen in relatie tot gezondheid en ICT.

Het CeHRes sluit aan bij deze ontwikkelingen en is uniek in het accent op de “menselijke maat”ofwel de gebruikerzijde. Daarbij wordt met ‘gebruiker’ bedoeld de burger, (zorg)consument, patiënt of informatiegebruiker en de psychologische, sociale en culturele condities van zijn gedrag in deze rollen.

III.

MISSIE EN DOELSTELLINGEN CEHRES

Het CeHRes ziet in de transdisciplinaire, UT-typische combinatie van toegepaste gedrags- en maatschappij-wetenschappelijke met natuurwetenschappelijke en technologische disciplines een kans om constructief bij te dragen aan bovengenoemde trends; aan de verbetering van de gezondheid en de gezondheidszorg; aan de ambities van de UT in het bijzonder en die van de Nederlandse kenniseconomie in het algemeen. Dat is een unieke kans voor de UT op dit innovatieve gebied. De aankondiging tijdens van de oprichting van het CeHRes tijdens het symposium (2008) genereerde ook in deze zin veel publiciteit en instemming.

Onderwerp van onderzoek is de invloed van technologische innovaties (web 2.0, health 2.0, serious gaming, virtual agents, embedded intelligence, domotica, robotica) op de gezondheidszorg in casu op uitkomsten van zorgprocessen, op gezondheidswinst, doelmatigheid, kosteneffectiviteit en kostenreductie.

De gebruikerservaring, de aansluiting bij het dagelijks leven van de gebruiker, zijn autonomie en informatiepositie vormen een ijkpunt voor de evaluatie van technologische interventies en oplossingen.

In onze informatiesamenleving wil het CeHRes dus vraaggericht werken. Dat wil zeggen op geleide van vragen uit de zorg en ten dienste van burger/patiënt vanuit een wetenschappelijk kader.

Het CeHRes werkt samen met internationale onderzoeksinstituten zoals de University of Toronto, de Universiteit van Münster en de University of Waterloo op het gebied van ontwerp, ontwikkeling en implementatie van evidence based technology in de zorg.

Haar missie is

-

Het scheppen en overdragen van wetenschappelijke kennis over psychologische, sociale en gedragsmatige aspecten van de implementatie van ICT in de gezondheidszorg;

-

Het integreren van praktische kennis voor het (her)ontwerpen van implementatiestrategieën in het belang van burgers, consumenten en patiënten;

-

Het vertalen van kennis voor commerciële en industriële toepassingen ten behoeve van bruikbare (zorg)applicaties en (zorg)concepten voor ontwerp en inzet van technologie zoals e-consultation, e-coaching en disease management.

Om deze missie te verwezenlijken onderneemt het CeHRes het volgende

-

Het leveren van aantrekkelijk onderwijs van hoge wetenschappelijke kwaliteit;

-

Het uitvoeren van relevant onderzoek van hoge wetenschappelijke kwaliteit;

-

Het leveren van vraaggerichte maatschappelijke dienstverlening van hoge wetenschappelijke kwaliteit

-

Versterken en intensiveren van structurele wetenschappelijke samenwerking tussen de UT, (internationale) kenniscentra, Universiteiten, Hoge scholen, zorginstellingen en het Nederlandse midden- en kleinbedrijf (network projects, knowledge diffusion, translationeel onderzoek);

-

Uitbreiding van samenwerking in de (keten)zorg i.c. zelfzorgcontinuüm samenwerking tussen de nulde, eerste, tweede en derde lijnsgezondheidszorg;

-

Kennistransfer en disseminatie middels beleidsadvisering, (inter)nationale, regionale en locale conferenties, fora, symposia, workshops en (wetenschappelijke) publicaties.

IV.

KARAKTERISERING VAN HEDENDAAGS EHEALTH ONDERZOEK

Consumer health informatics en eHealth zijn relatief recente onderzoeksterreinen die vanuit diverse disciplines worden benaderd. Het klinische perspectief overheerst, naast accenten op thuiszorg; leefstijl en gedrag, en kostenbeheersing.

Onderzoek op het terrein van eHealth wordt gedaan vanuit zowel sociaalwetenschappelijke, economische als technische disciplines. Meer in het bijzonder gaat het om gezondheidswetenschappen, bestuurskunde, politicologie, sociologie, economie, taal-en communicatiewetenschap, organisatiewetenschap, computer science (informatica, informatiekunde), bestuurlijke informatiekunde, geneeskunde en bedrijfsinformatiekunde.

Het betreft kortom een transdisciplinair en toegepast vakgebied.

Kenmerkend voor het hedendaagse eHealth onderzoek is het beschrijvende en toegepaste karakter. Er is weinig theorie en fundamenteel onderzoek. Er zijn ook weinig interdisciplinaire theoretische aanzetten.

Het CeHRes wil een bijdrage leveren aan deze theoretische onderbouwing en daarmee het onderzoek op dit gebied beter funderen teneinde de effecten van eHealth op de zorg en de zorgvraag te kunnen expliciteren. De bijdrage die het momenteel kan leveren ligt op het sociaalwetenschappelijk vlak in relatie met technologische know how (ICT).

Dit is een terrein dat tot op heden weinig aandacht krijgt in het eHealth-onderzoek, dat zich tot nu toe vooral richt op legale, technologische of klinische aspecten en niet op de integratie van perspectieven binnen een breed sociaalwetenschappelijk kader. Een dergelijk kader is vooral van belang voor het bepalen van succes en faalfactoren voor ontwerp en implementatie van innovaties, zoals technologie in de zorg.

Binnen Nederland wordt onderzoek op eHealth terrein gefragmenteerd verricht aan faculteiten en instituten van uiteenlopende signatuur. Hoewel er enkele leerstoelen worden bekleed op verwante onderwerpen zijn er geen krachtige onderzoekscentra met structurele personele, budgettaire faciliteiten (zie bijlage 3). CeHRes kan in deze situatie potentieel een nuttige functie vervullen voor het sociale en gedragswetenschappelijk perspectief op eHealth en consumer health informatics in een gezondheidszorg waar de gebruiker, de patiënt/consument centraal staat.

Internationale uitwisseling vindt momenteel plaats binnen de verschillende op eHealth congressen w.o. die van de Royal Society of Medicine, Universiteit van Toronto, Centre for Global e-Health Innovation

Verdere disseminatie vindt plaats in een aantal wetenschappelijke tijdschriften die specifiek gericht zijn op eHealth w.o. het Journal of Medical Internet Research.

V.

HOOFDLIJNEN VAN EEN ONDERZOEKSPROGRAMMA

In de afgelopen vijf jaar is vanuit IBR/GW bijgedragen aan:

1.

onderzoek

·

lotgenotencontact

·

ontwerp en implementatie tweetalige website voor MRSA-infectiebeheersing

·

ambient intelligence bij dementie patiënten

·

portal ‘online omgaan met Reuma’

·

virtual coach bij chronische gezondheidsklachten

·

digitale triage in de eerstelijnszorg

·

internetgebruik van adolescenten met juvenile idiopathische arthritis

·

e-Consultatie bij psychische gezondheidsklacht

·

telemonitoring en e-Consultatie in de Eerste lijn

·

internet gebruik in de Jeugdgezondheidszorg

·

e-learning en de preventie van alcohol en tabak in het primair onderwijs

2.

onderwijs

·

PhD-studies

·

curriculum ehealth in Master-opleidingen

·

stages

·

PHD-meetings ladelijk overleg en kennisuitwisseling

3. maatschappelijke dienstverlening

·

IZIT

·

Roessingh Research & Development

·

Health valley

·

Nederlandse Vereniging voor eHealth (NVeH)

4. overheid

·

RIVM onderzoeksproject gettingBetter

·

Zorginnovatieplatform

·

VWS

·

RVZ

·

CVZ

Deze hoofdlijnen zullen in het CeHRes worden doorgezet waarbij enerzijds meer de nadruk gelegd zal worden op de theoretische onderbouwing en anderzijds op het in de praktijk toegepast onderzoek. Elke lijn kent internationale aspecten. Verdere uitbouw van ehealth in het onderwijs aan de Universiteit Twente zal plaats vinden.

VI.

KARAKTER VAN HET CEHRES

Het CeHRes is opgericht voor de profilering, verspreiding en uitbreiding van het wetenschappelijk onderzoek op het gebied van consumer health informatics en eHealth aan de UT.

Het merendeel van het onderzoek is toegepast-wetenschappelijk van aard waardoor veel opdrachtonderzoek wordt gecontracteerd. Daarnaast is productontwerp van belang; wetenschappelijk onderbouwde prototypen van toepassingen. Hoewel het CeHRes geen winstoogmerk heeft is de relatie met de praktijk van groot belang. Opbrengsten worden uitsluitend benut voor het realiseren en uitbreiden van het wetenschappelijk programma waarvan de hoofdpunten vermeld zijn onder 5. Het management en de overhead van het CeHRes zullen dan ook zeer gering van omvang zijn.

Tot op heden is onderzoekscapaciteit (aio’s, opdrachten, convenanten met industriële partners) zelfstandig en slagvaardig verworven. Daarnaast zal het CeHRes onderaannemer zijn van grotere wetenschappelijk en/of commerciële projecten en consortia en zelfstandig de benodigde middelen werven op de markt, wordt er op actieve acquisitie ingezet. Daarbij weegt het wetenschappelijk en maatschappelijk belang zwaarder dan de financiële opbrengst.

De laatste jaren is bijvoorbeeld gebleken dat bij uiteenlopende instellingen een behoefte bestaat aan onderzoek en advies op het terrein van eHealth toepassingen. Een voorbeeld is RIVM, Medicinfo, MEDi-arts, Focuscura, Interreg III (MRSA-euregio-net/het streeklaboratorium Microbiologie) en het Voedingscentrum. Het CeHRes zal hieraan blijven voldoen maar streeft tevens naar generaliseerbaar en (internationaal) publicabel onderzoek.

Het CeHRes kan ook adviesopdrachten aannemen, doch alleen als vervolg op of in verband met onderzoek dat gedaan wordt. Het gaat dus niet om opdrachten waarvoor bijvoorbeeld eerst een doorlichting van de situatie van de betreffende organisatie moet plaatsvinden.. Dezelfde beginselen gelden voor presentaties. Het CeHRes streeft naar convenanten met partners uit de zorg voor onderzoek en kennisuitlevering. met Focuscura ,Medicinfo en het Voedingscentrum zijn reeds dergelijke convenanten afgesloten.

Als enige in Nederland combineert het CeHRes een toegepaste, patiëntgerichte invalshoek met een track record van gedragswetenschappelijke èn technologische kennis.

Het inhoudelijk focus van onderzoek en onderwijs ligt op het gebruik van interactieve eHealth applicaties die tot doel hebben de gezondheidsvoorlichting en ziektepreventie te verbeteren, alsmede de patiëntenzorg en de zorgorganisatie. Voorbeelden van interactieve technologie die disease management en zelfzorg ondersteunen zijn e-coaching (waar zelfzorg met behulp van interactieve coaching wordt ondersteund), e-consultatie dat het doctor-to- patient contact faciliteert, of on line support groepen (patient-to-patient). Voorbeelden in gezondheidsvoorlichting en ziektepreventie zijn digitale triage in combinatie met (individuele) gezondheidsvoorlichting. Voorbeelden eHealth technologie die de zorgorganisatie versterkt zijn web-based, doctor-to-doctor communicatie systemen die de samenwerking tussen professionals, vaak kostenbesparend, verbetert (shared care).

Aangetoonde of geïndiceerde voordelen van dergelijke applicaties zijn de verbetering van de zorgcontinuïteit voor patiënten in verschillende stadia van het (zelf)zorgcontinuüm; de user-centered approach die gunstig is voor de patiënt-professional communicatie en de ervaren kwaliteit van leven.

Het CeHRes stelt zich ten doel innovatieve eHealth toepassingen te ontwikkelen en te evalueren, vanuit het perspectief van de gebruiker. Elegantie, eenvoud, emotie en communicatie zijn daarom van belang. Dergelijke kenmerken kunnen de autonomie, veiligheid en onafhankelijkheid van gebruikers versterken. Vooral ouderen, met een verhoogd gezondheidsrisico, en chronische patiënten zijn doelgroepen van dergelijke toepassingen. Het omgaan met fysieke en mentale belemmeringen staat daarbij centraal.

Naast de effecten van eHealth toepassingen op diverse uitkomsten (QOL, acceptatie, diagnostiek etc.) onderzoekt het CeHRes factoren die de implementatie van eHealth toepassingen belemmeren of begunstigen. Hierbij wordt een toegepaste en multidisciplinaire benadering gebruikt. In haar projecten wordt meestentijds een mixed-method design gebruikt waarin kwalitatieve en kwantitatieve methoden figureren.

VII.

OMGEVING

De gehele Nederlandse gezondheidszorg ziet in eHealth een onvermijdelijke en potentieel veelbelovende uitdaging. Hoewel er geleidelijk steeds meer best practices en meer evidence ontstaan zijn is er sprake van algemeen (RVZ, 2008) erkende juridische, organisatorische en financiële belemmeringen.

De overheid ziet het als haar taak om de toepassing eHealth in brede zin te faciliteren ten behoeve van haar publieke belangen kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid. Daarbij heeft de landelijke implementatie van het EPD de prioriteit. Daarvan wordt een katalyserende werking verwacht op eHealth in het algemeen. Het Nationaal ICT Instituut in de Zorg (Nictiz) houd namens de overheid de centrale regie Nictiz verricht door

·

Ontwerpen en onderhouden van de basisinfrastructuur AORTA (het algemeen in de sector toegankelijke stelsel van gemeenschappelijke ICT-voorzieningen.

·

Ontwerpen en onderhouden van de standaarden voor toepassingen.

·

Kwalificeren en certificeren van ICT-leveranciers en zorgaanbieders voor aansluiting op het LSP.

·

Agendavoorbereiding voor het platform ICT en innovatie: verkennen van de behoeften binnen de zorgsector en de overheid en adviseren over de mogelijkheden om deze behoeften in te vullen.

·

Ondersteuning bieden bij de eerste fase van invoering van toepassingen.

·

Monitoren van (inter)nationale ontwikkelingen, best practices en mogelijkheden.

Gemeenten, provincies en de ministeries alsook tientallen zelfstandige bestuursorganen en agentschappen nemen, in lijn daarmee allerlei initiatieven. Ook instellingen voor gezondheidszorg inclusief de geestelijke gezondheidszorg, de verslavingszorg (en particuliere varianten) en GBI’s (zoals het Voedingscentrum)

doen dat. Vaak is er echter sprake van kortdurende initiatieven die stoppen wanneer de financiering ophoudt. Inmiddels transformeert de Nederlandse gezondheidszorg naar een stelsel waarin de patiënt steeds meer te kiezen heeft. VWS houdt sinds 2005 de portal kiesBeter.nl (RIVM) in de lucht. Daar vinden burgers betrouwbare, (vergelijkende keuze-) informatie die zij bij dergelijke keuzes nodig hebben. Belangenorganisaties als de NPCF of de NVeH trachten dergelijke ontwikkelingen vanuit hun perspectief te stimuleren.

Er is, resumerend, nog weinig overzicht op het Nederlandse onderzoekslandschap . Veelal incidenteel onderzoek naar pilots, geen systematische aanpak gebaseerd op disease management (chronic care) of op gefundeerde aannames over gezondheidsbevordering via technologie.

De Europese dimensie doet zich steeds sterker doet gelden. Zowel vanuit het economisch perspectief van de ontwikkeling van een kennis en technologie als vanuit het perspectief van de mondige, kiezende burger. Uitgesproken is in 2008 en 2009 digitale diensten in de zorg zoals e-consultatie EU-breed operationeel te laten zijn (European Health Telematics Association (2008) Sustainable telemedicine: paradigms for future-proof healthcare. Brussels: EHTEL Association; IBM Institute for Business Value (2006) Healthcare 2015: Win-win or lose-lose. Somers NY).

Uit recent onderzoek in Europa blijkt dat internet breed toegankelijk is in Europa en dat het toenemend gebruikt wordt voor gezondheidsinformatie, in tegenstelling tot traditionele media waarvan het gebruik afneemt of gelijk blijft (JMIR, 2008; eHealth trends in Europe 2005-2007: a population based survey. Kummervold et al.).

Contacten over onderzoek en kennisuitwisseling worden onderhouden met:

·

UT (Telematica, MB,CTIT, HMI, EWI, Kennispark),

·

Roessingh Research & Development,

·

Saxion,

·

Medisch Spectrum Twente,

·

IZIT

·

Expertise center Brainport (Eindhoven)

·

Expertise center Health valley (Nijmegen)

·

Expertise centrum LIMEZ (ism HAN-hogeschool)

·

UMC Radboud, samnewerking met Prof Dr J Kremer, Dr Tuil

·

Nivel

·

Orde Medisch specialisten

·

CBO

VIII.

INTERNATIONALE PROFILERING

Een van de motieven voor de oprichting van het CeHRes is de internationale profilering van het wetenschappelijk onderzoek dat er gedaan wordt. Dit kan zorgen voor aansluiting bij en uitwisseling met andere centra voor innovatief onderzoek in de wereld, in eerste instantie in Europa, de VS, Canada, Australië en Nieuw Zeeland.

Vergelijkbare buitenlandse centra zijn Center eHealth Australia; Center for global eHealth Inovation (Toronto), University Waterloo NIHI, WIHIR, Norwegian telemedicine center, Tromsø e.a.

Leden van het onderzoeksprogramma overleggen met vertegenwoordigers van deze centra op de jaarlijkse EGOV (Europa) en DG.O (VS) congressen.

De samenwerking en uitwisseling met deze internationale centra is noodzakelijk omdat het eHealth onderzoek in wetenschappelijk opzicht alleen verder kan komen door middel van internationaal vergelijkend onderzoek.

Dit is in toenemende mate ook de opzet van het EU onderzoek op dit terrein. Binnen het 7th Framework Programme van de EC is veel aandacht voor E-participatie en E-Inclusion met een groeiend aandeel voor het gebruikersperspectief.

IX.

SAMENWERKING MET ANDERE ONDERZOEKSINSTELLINGEN

Met de oprichting van een CeHRes aan de UT is gekozen voor een netwerkknooppunt binnen de UT. Er wordt gestreefd naar academische netwerkvorming ten behoeve van Nederlands wetenschappelijk onderzoek op het gebied van eHealth. Het doel daarvan is bundeling en richting van onderzoek.

Met het oog op de beperkte doelstelling van profilering kan het Centre ongehinderd samenwerken met onderzoeksinstituten met een publiek-private of commerciële doelstelling. De voorkeur geniet daarbij het Telematica Instituut dat nog altijd een lichte band heeft met de UT.

Samenwerking met andere Nederlandse en internationale onderzoeksinstituten wordt nagestreefd. Dit geldt vooral voor instituten en bureaus die onderzoek doen op dezelfde thema’s, met name dienstverlening en samenwerking, w.o.MedicInfo, Mediarts/NVU, FocusCura, Philips Medical Systems, UMC Radboud

Bestaande convenanten met streeklaboratorium, met Medicinfo, Mediarts, Focuscura e.a. blijven geldend, zoals alle juridische voorwaarden en element ongewijzigd blijven. Nieuwe overeenkomsten (w.o met het RIVM) worden voortaan in het Centre opgenomen (zie Bijlage 4). Ook lichtere vormen van samenwerking dan een convenant zijn mogelijk. Zij worden op dit moment al in de praktijk gebracht.

X.

ORGANISATIE

Het CeHRes heeft geen eigen medewerkers in dienst. Alle deelnemers zijn aangesteld bij een afdeling of vakgroep van de UT, op het moment van schrijven vooral de vakgroep PCGR binnen de Faculteit Gedragswetenschappen en bij de vakgroep.

Vanuit deze vakroepen wordt de onderzoeksformatie van de deelnemers ondergebracht bij de officiële UT-onderzoeksinstituten CTIT (Centre for Telematics and Information Technology) of IBR (Institute for Behavioral research). De directeuren van deze instituten stemmen in met het CeHRes aansluitend bij hun instituut, voor een betere profilering van dit onderzoek.

Alle zogenoemde staf van het CeHRes doet zijn werkzaamheden dus in de vorm van een bijfunctie of van tijdelijke ingehuurde werkzaamheden zoals website design en congresorganisatie. De volgende vaste functies worden onderscheiden binnen het Centre:

a.

Wetenschappelijk directeur

b.

Zakelijk directeur

c.

Onderzoeker (senior/junior)

d.

Netwerkbeheer

e.

Coördinator

f.

Secretaresse / documentalist

De huidige deelnemers (dd. december 2008) zijn opgenomen in Bijlage 1.

XI.

MEDEWERKERS EN STUDENTEN.

Al het wetenschappelijk personeel van de UT dat onderzoek doet op het gebied van eHealth kan voor opportunistische en betere profilering van dit onderzoek participeren in het CeHRes. Dit beperkt zich niet tot gedragswetenschappelijk onderzoek.

UT medewerkers kunnen externe en interne onderzoeksvragen cq -opdrachten binnen de netwerkorganisatie van het CeHRes onderbrengen. Zij worden aangemoedigd en gefaciliteerd om dat te doen.

Voor studenten, zowel binnen als buiten de UT zal het CeHRes diverse stage- en afstudeermogelijkheden gaan bieden binnen het masteronderwijs.

Dit geldt met name voor de studenten Communicatie wetenschap, Informatica en Gezondheidswetenschappen aan de UT.

Bij de Faculteit GW wordt een vakken aangeboden die het begin kunnen worden van een mastertrack eHealth. Zij zullen via het CeHRes een stimulans krijgen. Op de arbeidsmarkt is momenteel een tekort aan afgestudeerden die gekwalificeerd zijn in de organisatorische, technologische en communicatieve aspecten van eHealth en consumer health informatics.

XII.

MARKETING & COMMUNICATIE

Het CeHRes heeft verscheidene marketing- en communicatiemiddelen tot haar beschikking. Allereerste de publicaties van onderzoeksuitkomsten die niet alleen in de wetenschappelijke, maar ook in de publieke sfeer worden gedissemineerd. De UT-website www.ehealthresearchcentre.nl of www.ehealthgw.nl wordt daartoe ingezet, alsmede de CeHRes Newsletter waarvan de eerste reeds in november 2008 is verspreid.

Deze site moet worden herontworpen in de nieuwe huisstijl anno 2009 van de UT, met meer functionaliteiten w.o. toekomstige online fora. Het moet ook een belangrijker communicatiemiddel worden voor de (potentiële) deelnemers van het CeHRes zelf. De site is Engelstalig en zal links publiceren met andere centra in de wereld.

Het CeHRes is op (wetenschappelijke) congressen en andere evenementen herkenbaar aan publiciteitsmateriaal w.o. een staande banner, brochures en posters. Zo’n evenement is het jaarlijkse wetenschappelijke symposium ‘Supporting health by technology’ dat in 2009 zijn tweede editie kent, en staat gepland in de 2e landelijke ‘Week voor de eHealth’, een initiatief waarmee het CeHRes in 2008 is gestart samen met de NVeH, het NPCF en het Trimbos Instituut. Alle publieke uitingen en presentaties worden voorzien worden van het nieuwe logo van het CeHRes.

Het CeHRes is voorts herkenbaar aan publicaties in een herkenbare vormgeving. Rapporten worden in de eerste plaats online verspreid. In druk zijn deze ook via het secretariaat vekrijgbaar.

Het CeHRes werkt aan een degelijke organisatorische uitstraling, gesteund door het gereputeerde imago van de UT ten behoeve van acquisitie en publiciteit. Een positieve boodschap staat daarin centraal.

De inzet van andere (communicatie)middelen ter promotie van het CeHRes, het onderzoek en het onderwijs zal in 2009 met behulp van de facultaire afdeling Media, Communicatie en Organisatie nader uitgewerkt worden in een communicatiestrategie. Hierin worden doelen, middelen en tijdsplanning nader gespecificeerd.

XIII.

BESTUUR

Het Bestuur van het CeHRes zal voorlopig bestaan uit een wetenschappelijke en een zakelijke directeur, alle hoogleraren in het programma en de coördinator. Er zijn maandelijkse overleggen over voortgang en samenwerking, voorgezeten door de zakelijk directeur.

Het Bestuur zal jaarlijks rapporteren (jaarverslag) aan de directeuren van de onderzoeksinstituten IBR en aan de Decanen van de deelnemende Faculteiten.

Het Centre kan gebruik maken van het bestaande secretariaat PCGR/IBR, een rapportencentrale en website-onderhoud onder toezicht van facultaire afdeling Media, Communicatie en Organisatie en ICTS.

XIV.

FINANCIERING

Het CeHRes heeft een startfinanciering nodig van € 40.000 waarvan het budget uitgesplitst wordt in de Tabel beneden. Na de start is het zelfvoorzienend. Het wordt in stand gehouden door gebruik te maken van de faciliteiten van de Faculteit Gedragswetenschappen en IBR en de opbrengsten van externe projecten. Dat laatste moet formeel aangevraagd en verstrekt worden want alle eerste, tweede en derde geldstroom opbrengsten blijven bij de vakgroepen en bij IBR.

Het onderzoek op het terrein van eHealth heeft sinds 2007 jaarlijks ongeveer € 200.000 opgeleverd, voor ongeveer 1/4e eerste geldstroomsubsidies (IBR, promotiepremies) en 3/4e derde geldstroom. Met de wervingskracht van het CeHRes wordt beoogd dit bedrag binnen twee jaar te verdubbelen om het ambitieuze onderzoeksprogramma te realiseren.

Voorst wordt vanaf 2009 een beroep gedaan kunnen worden op NWO en ZonMw subsidies voor fundamentele delen van het onderzoeksprogramma.

BIJLAGE 1

Individuele medewerkers aan het CeHRes, december 2008

Naam

organisatie

functie

Prof. dr. E.R. Seydel

 

Wetenschappelijk directeur, Hoogleraar

Prof. dr. M. Van Laar

 

Hoogleraar

Dr. O. Peters

 

Zakelijk directeur

Dr L. Van Gemert-Pijnen

 

Coördinator CeHRes

Dr. E. Taal

 

Senior onderzoeker, UHD

Dr. C.H.C. Drossaert

 

Senior onderzoeker, UD

Dr. H. Boer

 

Senior onderzoeker, UHD

Drs. S.M. Kelders

 

Promovenda

Drs N. Nijland

 

Promovenda

Drs. N. Nijhof

 

Promovenda

Drs. H.C. Ossebaard

 

Relatiebeheer, onderzoek

Drs. F. Verhoeven

 

Promovenda

Vacature junioronderzoekers

 

Project RIVM/UT

Mw. B.G.M. Kleisman

 

Secretaresse

Dr. Eysenbach

 

Visiting professor

Dr. E. Bohlmeijer

 

Senior onderzoeker, UHD