Arbeidsongeschiktheidspensioen
Werkgevers en vakbonden zijn het in de Pensioenkamer eens geworden over een nieuwe bovenwettelijke arbeidsongeschiktheidsregeling voor werknemers bij overheid en onderwijs: het ABP ArbeidsongeschiktheidsPensioen (AAOP). Het AAOP is een aanvulling op de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregeling die op 1 januari 2006 van kracht is geworden: de wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA).
Het ABP ArbeidsongeschiktheidsPensioen vervangt per 1 januari 2007 het ABP InvaliditeitsPensioen (IP) en de Herplaatsingstoelage (HPT). Het AAOP geldt voor werknemers die een WIA-uitkering ontvangen én op of na 1 januari 2007 ontslagen zijn of een aangepaste aanstelling krijgen. De regeling geldt niet voor werknemers die een WAO-uitkering ontvangen. Zij blijven onder de oude regelingen (IP en HPT) vallen. Het AAOP geldt ook niet voor werknemers met een WIA-uitkering en een ABP Invaliditeitspensioen/Herplaatsingstoelage die is ingegaan vóór 1 januari 2007. Zij vallen onder de Tijdelijke regeling invaliditeitspensioen en/of herplaatsingstoelage.
Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA)
Bent u op of na 1 januari 2004 ziek geworden en is het na twee jaar ziekte niet gelukt weer helemaal aan de slag te gaan, dan krijgt u te maken met de WIA.
De WIA is een verzekering voor werknemers die door ziekte lange tijd niet of niet voldoende kunnen werken en daardoor inkomen mislopen. Centraal in de WIA staat dat de werknemer weer gaat werken. Uiteraard voor zover zijn beperkingen dit toelaten. In de WIA wordt de werknemer na maximaal twee jaar ziekte gekeurd door UWV. UWV kijkt bij deze keuring naar wat de werknemer nog kan (arbeidsvermogen) en wat hij daarmee kan verdienen (verdiencapaciteit). Of iemand in aanmerking komt voor een WIA-uitkering, hangt af van de mate van arbeidsongeschiktheid (loonverlies).
De WIA bestaat uit twee regelingen: de Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) en de Werkhervattingsregeling Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA). In de WIA zijn de volgende situaties mogelijk:
De werknemer is minder dan 35 procent arbeidsongeschikt
Wanneer de werknemer met algemeen geaccepteerd werk (dit is ook ander werk dan het oude werk) meer dan 65 procent van het oude salaris kan verdienen, dan is hij minder dan 35 procent arbeidsongeschikt en heeft hij geen recht op een WIA-uitkering. De werknemer blijft in dienst en de werkgever moet passend werk voor hem zoeken. Lukt dit niet, dan volgt ontslag en ontstaat er in de regel recht op een werkloosheidsuitkering.
De werknemer is gedeeltelijk (35 tot 80%) arbeidsongeschikt
Bij een loonverlies van tenminste 35 maar minder dan 80 procent, is de werknemer gedeeltelijk arbeidsongeschikt. De werknemer krijgt dan te maken met de WGA. De WGA kent drie soorten uitkeringen: de loongerelateerde uitkering, de loonaanvulling en de vervolguitkering.
· |
Loongerelateerde uitkering |
· |
Loonaanvulling |
· |
Vervolguitkering |
De werknemer is volledig (80 tot 100 procent) arbeidsongeschikt
Bedraagt het loonverlies 80 procent of meer en is er geen of slechts een geringe kans op herstel, dan is de werknemer volledig en duurzaam arbeidsongeschikt en ontvangt hij een IVA-uitkering. Deze uitkering is 70 procent van het laatste salaris, met een maximum van € 30.639 bruto per jaar. De werknemer behoudt deze uitkering zolang zijn situatie niet verbetert, doch uiterlijk tot het 65e jaar.
Wanneer er nog een geringe kans is op herstel, dan roept UWV de werknemer de eerste vijf jaar jaarlijks op voor een herkeuring. De uitkomst van deze herkeuring kan zijn dat de IVA-uitkering wordt voortgezet. Het is ook mogelijk dat de werknemer weer gedeeltelijk arbeidsgeschikt wordt verklaard. In dat geval heeft hij recht op een WGA-uitkering.
Is er een goede kans op herstel, dan is de volledige arbeidsongeschiktheid tijdelijk en ontvangt de werknemer direct een WGA-uitkering.
ABP ArbeidsongeschiktheidsPensioen (AAOP)
Het ABP ArbeidsongeschiktheidsPensioen is een aanvulling op de WIA. Net als de WIA, gaat het AAOP uit van de gedachte dat werken moet lonen. Voor wie dit ondanks alle stimulansen niet kan, blijft er ook een inkomen. In het AAOP zijn de volgende situaties mogelijk:
De werknemer is voor minder dan 35 procent arbeidsongeschikt
De werknemer blijft in dienst van de werkgever, krijgt geen WIA-uitkering en dus ook geen AAOP.
De werknemer is gedeeltelijk arbeidsongeschikt (35 tot 80 procent) en verdient 50 procent of meer van zijn verdiencapaciteit
Als de werknemer minstens de helft van zijn verdiencapaciteit benut, dan vult het AAOP de loongerelateerde WGA-uitkering aan tot minimaal 70 en maximaal 93 procent van het laatstverdiende salaris (ongemaximeerd). De hoogte van de aanvulling is afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid en van het salaris dat de werknemer zelf nog verdient.
Na de loongerelateerde WGA-uitkering, start de WGA-loonaanvulling. Het AAOP vult deze uitkering aan tot minimaal 60 en maximaal 93 procent van het laatstverdiende salaris (ongemaximeerd). De hoogte van de aanvulling is afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid en van het salaris dat de werknemer zelf nog verdient.
De werknemer is gedeeltelijk arbeidsongeschikt (35 tot 80 procent) en verdient minder dan 50 procent van zijn verdiencapaciteit
Als de werknemer minder dan de helft van zijn verdiencapaciteit benut, dan vult het AAOP de loongerelateerde WGA-uitkering aan tot 70 procent van het laatstverdiende salaris (ongemaximeerd).
Na de loongerelateerde WGA-uitkering, start de WGA-vervolguitkering. Het AAOP vult deze uitkering gedurende maximaal tien jaar aan tot minimaal 26 en maximaal 47 procent van het laatstverdiende salaris (ongemaximeerd). De hoogte van de aanvulling is afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid.
Een werknemer die vanuit de WGA-vervolguitkering voor minstens 50 procent van zijn verdiencapaciteit aan de slag gaat, krijgt onder voorwaarden een Reïntegratiebonus. Dit is een uitkering ineens van maximaal zes maandsalarissen. De precieze voorwaarden voor een Reïntegratiebonus zijn op dit moment nog niet bekend.
De werknemer is volledig arbeidsongeschikt (80 tot 100%)
Is de werknemer volledig arbeidsongeschikt (al dan niet duurzaam) en lag zijn salaris boven het maximum dagloon uit de WIA (2006: € 43.848 bruto per jaar), dan vult het AAOP de IVA- of WGA-uitkering aan tot 70 procent van het laatstverdiende salaris (ongemaximeerd).