Afscheidscollege prof. dr. Peter Boorsma
Afscheidscollege prof. dr. Peter B. Boorsma
02 december 2010 Tijd: 10:58
Op 2 december geeft prof. Boorsma (66) een afscheidscollege. In dit college, getiteld “Van oude economen de ideeën die voorbij gaan…” behandelt hij de vele onderwerpen waar hij zich mee bezig heeft gehouden in de 33 jaar dat werkte aan de Universiteit Twente als hoogleraar Openbare Financiën. In zijn college laat Boorsma zich onder meer kritisch uit over het ombuigingsbeleid dat het huidige kabinet voorstaat.
In de 33 jaar dat Boorsma op de UT gewerkt heeft, heeft hij zich
bezig gehouden met een breed scala aan onderwerpen, variërend van
begrotingsbeleid, schaalvergroting en herindeling, privatisering en
financieel management tot de langegolfbeweging en risicomanagement.
Over de langegolfbeweging, de Kondratieff, had hij zich al in 2005
uitgelaten en een neergaande fase voorspeld, vooral vanwege de
gevolgen van de klimaatverandering, versterkt door de vergrijzing.
Er wordt in de rede een nadruk gelegd op ombuigingsbeleid, in het
verleden en de nabije toekomst. Hij bespreekt daarbij het
ombuigingsbeleid zoals afgesproken in het recente
regeerakkoord.
Over de schaalvergroting, in onderwijs, zorg en gemeenten is hij
zeer kritisch (geweest en nog). De regering heeft te makkelijk
schaalvoordelen verondersteld, en vergeet de schaalnadelen en de
extra kosten van verandering. Hij wijst ook op een te makkelijk en
selectief gebruik van economische theorieën bij
privatiseringsbesluiten en stimuleringsprogramma's.
Ombuigingsbeleid
Wat het voorgenomen ombuigingsbeleid in het regeerakkoord
betreft is hij kritisch. Op grond van ervaringen uit het verleden
mag men rekenen op grote vertragingen; het kabinet had daarom hoger
moeten inzetten. Daarbij had een groter pakket lastenverzwaring
gepast, zowel om het financieringstekort verder en sneller te
reduceren, als om inkomenspolitieke redenen. Die verzwaring had ook
kunnen worden gebruikt om de forse bezuiniging op cultuur te
schrappen: laat de hogere inkomens maar betalen voor de orkesten is
het devies. Het pakket ombuigingen is slecht onderbouwd: er
ontbreekt een maatschappij- en toekomstvisie. Er worden wel
degelijk stevige maatregelen genomen (verhoging AOW leeftijd naar
66: maar waarom niet meteen naar 67 waarom pas in 2020?; opheffen
ministerie van Landbouw; geen basisbeurs in Masterfase; e.a.).
Boorsma heeft daarnaast vele ombuigingen aangetroffen die niet goed
zijn ingevuld ("Nader in te vullen"), of die de gemeenten opzadelen
met het ombuigingsprobleem (decentralisatie met efficiencykortingen
van 30%!, o.a. de Jeugdzorg), of de lasten verschuiven naar derden
(minder ontwikkelingssamenwerking, vele hogere eigen bijdragen,
nieuwe leges, meer naar eigen verzekering, etc.). Ook enkele andere
budgettaire "grappen" worden benoemd.
Suggesties
Prof Boorsma doet tot slot enkele suggesties. Hij bepleit
de studiefinanciering en de kinderbijslag te beperken via een
inkomenstoets: alleen voor gezinnen met lagere inkomens. Voorts
stelt hij voor om de financiering van de primaire waterkeringen
over te hevelen naar de waterschappen, die de taak moeten uitvoeren
en kunnen betalen via de waterschapslasten. Het Rijk verwaarloost
deze taak, en er zijn veel grotere investeringen (en dus hogere
waterschapslasten) nodig. Hij stelt verder voor het Provinciefonds
op te heffen en het Gemeentefonds fors te verkleinen en tegelijk
deze lagere overheden een ruimer belastinggebied te geven. Per
saldo geeft dat een besparing en een betere afweging. Er van
uitgaande dat de zorg een primaire levensbehoefte is, en de
collectieve lasten moeten dalen, is een pakketverkleining van de
verplichte basisverzekering nodig ten gunste van de aanvullende
verzekering. Ook bepleit hij de Benelux meer inhoud te geven door
samenvoeging van ambassades en defensie-eenheden.
Noot voor de pers
Voor meer informatie of een digitale versie van de tekst
van het afscheidscollege van professor Boorsma (onder embargo tot 2
december, 16.30 uur), kunt u contact opnemen met Joost Bruysters (053
489 2773).