Zak/slaagrichtlijnen, cum laude

Zak/slaagrichtlijnen

Waar in onderstaande regeling gesproken wordt over het gemiddelde van een aantal cijfers, wordt altijd het gewone (en niet het gewogen) gemiddelde bedoeld. Dat wil zeggen dat alle vakken even zwaar in het gemiddelde meetellen, onafhankelijk van het aantal EC’s dat aan het vak is toegekend.

Een onvoldoende beoordeling die niet cijfermatig is, wordt voor toepassing van de zak/slaagrichtlijn geïnterpreteerd als een 4.

A1. Zak/slaagrichtlijn Propedeuse

Een kandidaat is voor het P-examen van de opleiding EE geslaagd indien hij aan de volgende eisen voldoet:

1

De kandidaat heeft voor alle onderwijseenheden van het P-examen een beoordeling gekregen;

2

Geen enkele onderwijseenheid is met een cijfer lager dan een 5 beoordeeld;

3

Ten hoogste één onderwijseenheid is met een cijfer lager dan een 6 beoordeeld;

4

Het gemiddelde van de beoordelingen over de onderwijseenheden van het P-examen is ten minste 6,0.

In alle andere gevallen is de kandidaat afgewezen.

A2 Zak/slaag richtlijn Bachelor examen

Een kandidaat is voor het B-examen van de opleiding EE geslaagd indien hij aan de volgende eisen voldoet:

1

De kandidaat is voor het P-examen van de betroffen opleiding geslaagd;

2

De kandidaat heeft voor alle onderwijseenheden van het B-examen een beoordeling gekregen;

3

Geen enkele onderwijseenheid is met een cijfer lager dan een 5 beoordeeld;

4

Ten hoogste één onderwijseenheid is met een cijfer lager dan een 6 beoordeeld; dit mag echter geen onderwijseenheid zijn met een omvang groter of gelijk aan 10 EC.

5

Het gemiddelde van de beoordelingen over de onderwijseenheden van de post-propedeutische fase is ten minste 6,0.

In alle andere gevallen is de kandidaat afgewezen.

A3 Zak/slaagrichtlijn masterexamen

Een kandidaat is voor het M-examen van de opleiding EE geslaagd dan en slechts dan indien alle onderdelen van het M-examen met goed gevolg afgelegd zijn.

Richtlijnen Cum laude

Waar in onderstaande regeling gesproken wordt over het gemiddelde van een aantal cijfers, wordt altijd het gewone (en niet het gewogen) gemiddelde bedoeld. Dat wil zeggen dat alle vakken even zwaar in het gemiddelde meetellen, onafhankelijk van het aantal EC’s dat aan het vak is toegekend.

In bijzondere individuele gevallen kan de examencommissie op verzoek van de student het predicaat “met lof” toekennen indien de tempo-eis op excuseerbare gronden overschreden is. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij erkende vertraging, volgens de bepalingen die daar binnen de instelling voor opgesteld zijn.

B1 Propedeutisch examen

Het P-examen kan met het predicaat “met lof” afgelegd worden. Als richtlijn voor het verstrekken van dit predicaat geldt dat aan elk van de volgende voorwaarden voldaan moet zijn:

1

Het P-examen is in of binnen 1 jaar na de eerste inschrijving behaald (tempo-eis);

2

Het gemiddelde van de beoordelingen over de eenheden van het P-examen is 8,0 of hoger, waarbij voldoende beoordelingen die niet cijfermatig zijn niet meegerekend worden;

3

Alle onderdelen zijn met 6 of hoger beoordeeld;

4

Er zijn geen vrijstellingen verleend.

B2 Bachelor-examen

Het B-examen kan met het predicaat “met lof" afgelegd worden. Als richtlijn voor het verstrekken van dit predicaat geldt dat aan elk van de volgende voorwaarden voldaan moet zijn:

1

Het B-examen is in of binnen 3,5 jaar na de eerste inschrijving behaald (tempo-eis);

2

Het gemiddelde van de beoordelingen over de onderdelen van de postpropedeutische studiefase is 8,0 of hoger, waarbij voldoende beoordelingen die niet cijfermatig zijn niet meegerekend worden;

3

Alle onderdelen van de postpropedeutische fase zijn met 6 of hoger beoordeeld;

4

Er zijn geen vrijstellingen verleend;

5

De beoordeling van de eindopdracht is 8 of hoger.

B3 Master-examen

Het M-examen kan met het predicaat "met lof" afgelegd worden. Als richtlijn voor het verstrekken van dit predicaat geldt dat aan elk van de volgende voorwaarden voldaan moet zijn:

1

Het aantal EC’s dat in de laatste twee studiejaren is behaald, bedraagt ten minste 80% van de studielast in EC’s van het M-examen (tempo-eis);

2

Het gemiddelde van de beoordelingen over de eenheden van het M-examen is 8,0 of hoger, waarbij voldoende beoordelingen die niet cijfermatig zijn niet meegerekend worden;

3

Alle onderdelen van het M-examen zijn met 6 of hoger beoordeeld;

4

Er zijn geen vrijstellingen verleend;

5

De beoordeling van de eindopdracht is 8 of hoger