Industrieel Ontwerpen
De studie bestaat uit een driejarige bachelorfase. Daarna kun je doorgaan met een tweejarige masterfase. Elk jaar bestaat uit 60 European Credits (EC), elke EC staat voor ongeveer 28 uur studie. Bij Industrieel Ontwerpen duurt de bachelor fase drie jaar. De bachelor fase geeft je een brede opleiding tot industrieel ontwerper. In deze jaren ontwikkel je de vaardigheden om later in je master te kiezen voor een wat specifiekere kant van het ontwerpen.
Als industrieel ontwerper moet je veel weten over de verschillende vakgebieden waar je mee in aanraking komt. Dit maakt dat de studie Industrieel Ontwerpen gebruik maakt van expertise uit diverse disciplines. Namelijk van vormgeving, techniek en basisonderwerpen zoals wiskunde en natuurkunde. Maar je krijgt ook onderwerpen als Ergonomie, Marketing en Bedrijfskunde.
Studenten vormen al vanaf de eerste dag een 'eigen' ontwerpbureau, dat ontwerp- opdrachten uitvoert. Op deze wijze wordt de praktijk in de onderwijssituatie al zo dicht mogelijk benaderd. Het projectonderwijs vormt een rode draad door de studie, in elke fase van de studie wordt er gewerkt aan een ontwerpopdracht. De onderwerpen worden gegeven op het moment dat ze relevant zijn voor zo`n ontwerpopdracht.
Elke ontwerpopdracht heeft een verschillend onderwerp en bepaalde aandachtspunten. Zo heeft het onderwerp van project 1.3 altijd te maken met intelligentie in producten. De aandachtspunten bij dit project zijn het gebruik van een microcontroller en sensoren en het ontwikkelen van besturingsfuncties. Onderwerpen die parallel lopen met dit project zijn dan ook onder andere elektronica en applicatiebouw (het schrijven van software).
Het onderwerp van project O heeft juist sterk te maken met de menselijke kant van het productontwerpen, het belangrijkste aspect van dit project is het ontwerpen voor een specifieke doelgroep. Je kunt je voorstellen dat er een heel ander product uitkomt wanneer je bijvoorbeeld een mobiele telefoon ontwerpt voor 55+-ers, dan wanneer je er een ontwerpt voor jezelf. Je moet rekening houden met wat de gekozen doelgroep mooi vindt, maar ook met wat de mensen kunnen en wat ze niet kunnen. In de onderwerpen fysieke en cognitieve ergonomie leer je meer over de lichamelijke en verstandelijke aspecten waar tijdens het ontwerpen rekening mee moet worden gehouden.
Het hoofdbestanddeel van de Bachelor bestaat uit je studie Industrieel Ontwerpen, waarbij je de basiskennis verwerft van het vakgebied. Daarnaast heb je in het derde jaar een half jaar (30 EC) aan keuzeruimte. Deze keuzeruimte kan gebruikt worden voor zowel verdieping als verbreding. Je kan kiezen voor extra modules in de eigen studie, maar ook voor modules van andere studies. Daarnaast kan je ervoor kiezen in het buitenland te gaan studeren. Uiteraard wordt per keuze gekeken naar de noodzakelijke voorkennis.
Met de keuzeruimte pin je je niet vast op een bepaalde faculteit of opleiding, maar geeft het je de ruimte om zelf je studie samen te stellen die bij jou past en die je een streepje vóór geeft op de arbeidsmarkt. Een afgestudeerd industrieel ontwerper die ook het nodige weet van andere vakgebieden, wordt overal met open armen ontvangen. Bovendien kun je optimaal profiteren van het feit dat de UT zowel technische als maatschappijwetenschappelijke opleidingen aanbiedt. Je kunt bijvoorbeeld kiezen uit Recht in Maatschappij & Bedrijf, Psychologie, ICT & Maatschappij of Kunst, Media & Technologie. Of wat dacht je van de minors Internationaal Management, Biomedische Technologie, Ondernemerschap, Wijsbegeerte of Sportfysica?
Je kunt overigens ook de keuzeruimte invullen door aan een andere universiteit in binnen- of buitenland te studeren of zelf een samenhangend onderwerpenpakket kiezen. De mogelijkheden zijn legio. Kijk maar eens in deze lijst op de keuzeruimte-website.
De bachelor is opgedeeld in de volgende modules.