Decanen

Onderstaande informatie is bedoeld voor schooldecanen en docenten

Twents Onderwijsmodel

Nominaal is de norm. De UT wil studenten dus zo snel mogelijk op de juiste plek zien. En binnen de gestelde tijd naar de eindstreep brengen. Dat vraagt de politiek en de maatschappij van ons als universiteit, maar het werkt ook veel prettiger voor de student. Die doet waar zijn talent ligt en wat hij het leukst vindt. Bovendien weten we niet voor welke uitdagingen studenten in hun carrière komen te staan. Technische en maatschappelijke ontwikkelingen gaan snel en worden steeds complexer. Hoger opgeleiden wisselen vaker van baan en komen meer en meer terecht in onvermoede vakgebieden en functies. Met het Twents Onderwijsmodel zijn academici beter voorbereid op de - nu nog onvoorziene - problemen die zij straks moeten aanpakken.

Uitgangspunten onderwijsmodel

·

High Tech Human Touch

Thema’s zijn relevante vraagstukken op het snijvlak van techniek en maatschappij: duurzaamheid, energie, gezondheid en veiligheid.

·

Uitdaging

Met thematisch projectonderwijs gaat het verwerven en toepassen van kennis hand in hand. Dat maakt studeren leuk en uitdagend.

·

Ontdek waar je kracht ligt

Werken binnen projecten maakt ‘spelenderwijs’ duidelijk welke thema’s je boeien. En welke professionele rol je het beste ligt. Die van onderzoeker, ontwerper of organisator.

·

Voorbereiding op de toekomst
Het Twents Onderwijsmodel creëert creatieve probleemoplossers. Studenten krijgen de tools om –nu nog onvoorziene- maatschappelijke vraagstukken van de toekomst aan te pakken.

·

Ruimte voor talent
De UT biedt getalenteerde studenten mogelijkheden om extra uitgedaagd te worden. Onder andere door honourstrajecten en ATLAS University College.

·

Studiesucces
Nominaal is de norm. Studenten zijn gemotiveerd en bereid om 40 uur per week te studeren. De UT ondersteunt dit met uitdagend projectonderwijs en intensieve studiebegeleiding.


Opbouw bacheloropleidingen

De bacheloropleiding duurt 3 jaar. Een jaar bestaat uit 4 kwartielen van 10 weken. In totaal ronden studenten tijdens de opleiding 12 modules af.

 

Kwartiel 1

Kwartiel 2

Kwartiel 3

Kwartiel 4

Jaar 1

Module 1

Module 2

Module 3

Module 4

Jaar 2

Module 5

Module 6

Keuze binnen studie 1

Keuze binnen studie 2

Jaar 3

Vrije keuze 1

Vrije keuze 2

Afstuderen (bacheloropdracht)

Binnen iedere module staat een thematisch project (kader) centraal. Alle theorievakken en practica in die module hebben met dat project te maken. Dit biedt studenten de kans om zich grondig in het thema te verdiepen. Bovendien grijpen vakken sterk in elkaar. Kennis van het ene vak is noodzakelijk om het andere vak te kunnen begrijpen. De ervaring leert dat je zo sneller, beter en met meer motivatie studeert.

In het derde jaar is er 30 EC (half jaar) aan keuzeruimte voor verdieping of verbreding. Studenten kunnen dus kiezen voor extra modules binnen de eigen opleiding of voor modules van andere opleidingen. Studeren in het buitenland is ook een mogelijkheid.

Studiebegeleiding

Studenten worden intensief begeleid. Niet alleen door de studieadviseur maar ook door docenten, tutoren en mentoren. Tijdens projecten houden zij een vinger aan de pols: hoe loopt het project? Wordt er voortgang geboekt? Zit iedereen goed in zijn rol? De UT staat bekend om haar kleinschaligheid en open en informele cultuur; docenten zijn makkelijk aanspreekbaar. Dit is bij het nieuwe projectonderwijs niet anders.

Toetsing

Voorheen volgden studenten ‘losse’ vakken. Na een vastgestelde periode werden de vakken getoetst tijdens een tentamenweek. Bij het Twents Onderwijsmodel werken we in kwartielen van 10 weken met geïntegreerd onderwijs, dat ook geïntegreerd wordt getoetst. Ieder kwartiel zijn er deeltoetsen, die meetellen voor het eindcijfer van de module. De hoeveelheid, vorm (schriftelijke toets, mondeling, verslag, enz.) en weging van de toetsen verschilt per opleiding en per module. Het eindcijfer van de module wordt bepaald door het gewogen gemiddelde van de deeltoetsen en het projectresultaat. Soms zijn er ondergrenzen om een module succesvol te mogen afsluiten. Bijvoorbeeld minimaal een 5 voor de deeltoets wiskunde.

De nieuwe UT-manier van toetsen ligt dicht bij het middelbare schoolsysteem, waarbij proefwerken en opdrachten samen het vakcijfer bepalen. Als een module niet wordt gehaald, zijn er mogelijkheden om onderdelen te herkansen.

De student in het Twents Onderwijsmodel

De student in het Twents onderwijsmodel is een creatieve probleemoplosser, die zichzelf ontwikkelt in de rol van onderzoeker, ontwerper en organisator. Sommige studenten pieken in één van deze rollen; de meesten hebben alle drie de facetten in meer of mindere mate in zich. Tijdens projecten ontdekt de student waar zijn (of haar) kracht ligt en doet hij actief inhoudelijke vakkennis op, die hij direct kan toepassen. Bovendien leert de student om vlot ontbrekende kennis te verwerven in een snel ontwikkelend vakgebied. En daar creatieve oplossingen mee te realiseren. Belangrijke academische vaardigheden, zoals het zuiver kunnen redeneren en het ontrafelen van foutieve argumenten, worden onmisbare eigenschappen. Ook na de opleiding blijven die belangrijk, welke kant een loopbaan ook op gaat.

FAQ