Projectonderwijs

De opleiding bestaat uit vier blokken per jaar. Elk blok van 10 weken staat in het teken van een actueel onderzoeksthema. Alle vakken, practica en opdrachten die je in dit blok doet, hebben met dat thema te maken. Je graaft je dus grondig in het onderwerp in. Je leert om vakken in perspectief te plaatsen en om onverwachte combinaties te maken. Pas als je alle aspecten onder de knie hebt, beheers je het thema.

De meeste studenten vinden projectonderwijs aantrekkelijk. Vanaf het begin is immers duidelijk waarom je al die kennis en vaardigheden nodig hebt. De consequentie is wel dat je geen vak kunt verwaarlozen; je hebt ze allemaal nodig.

Je eerste jaar

In het eerste jaar ga je aan de slag met vier projecten. De samenstelling van de projectgroepen wisselt per blok. Elk project wordt afgetrapt door een onderzoeker, vaak van MIRA, die de context en de relevantie van de opdracht toelicht.

Criteria voor kunstmatige biomaterialen

Bij ‘de maakbare mens’ onderzoek je aan welke eisen kunstmatig (bio)materiaal moet voldoen, zodat het goed in het lichaam functioneert. Samen met je projectgroep presenteer je jullie criteria voor oplosbaar hechtdraad, ooglenzen, hartkleppen of kunstaders. Vakken die met het project samenhangen, zijn: algemene chemie, biochemie, anatomie/fysiologie en wiskunde.

Microscopische detectie van tumoren

Zelf een microscoop bouwen en met biomarkers de verschillen tussen normaal en tumorweefsel proberen aan te tonen. Dat is de essentie van het tweede project dit jaar. En daarbij heb je weer een andere combinatie van kennis en vaardigheden nodig. Bij dit project bestudeer je geometrische optica, celbiologie en wiskunde.

Meten met medische sensoren

Medische sensoren en meetsystemen, anatomie/fysiologie, fysische optica en wiskunde vormen de basisvakken voor het meten met medische sensoren. Maar wat wil je meten en waarom? Een voorbeeld van een meetproject vindt vlakbij de campus plaats, bij het Roessingh Revalidatiecentrum. Daar doen COPD-patiënten hun oefeningen in een gecontroleerde omgeving. Als jij een apparaat kunt ontwikkelen om op afstand zuurstof te meten, dan hoeft een patiënt niet bang te zijn dat hij in ademnood komt en kan hij gewoon thuis oefenen.

Implantaten en adapterende botten

Wanneer een natuurlijk gewricht is versleten, kan het worden vervangen door een kunstgewricht. Jouw uitdaging: onderzoek de aanpassing van het bot aan het kunstgewricht en doe een verbetervoorstel voor kunstgewrichten. Daarbij kijk je naar de invloed van het type implantaat, de botsituatie en de belasting. Je theoretische achtergrond bestaat uit: mechanica, harde materialen, beeldvorming, anatomie/fysiologie en wederom wiskunde.

Tweede en derde jaar

‘In het eerste jaar leer je een recept klaarmaken. Daarna mag je zelf de - steeds moeilijkere - gerechten bedenken’ - studieadviseur Theo van Dam.

Na het eerste jaar worden de uitdagingen complexer en gaan steeds meer aspecten een rol spelen. Creatieve doorzetters hebben duidelijk een streepje voor. Vanzelfsprekend boor je ook nieuwe thema’s aan. De projectvorm blijft.

In het derde jaar zijn er verschillende mogelijkheden. Verbreed je kennis of verdiep je juist in een van de hoofdthema’s van MIRA: weefseltechniek (tissue regeneration), beeldvormingstechniek (imaging & diagnostics) of bewegingstechniek (neural & motor systems). Het laatste blok staat voor de bacheloropdracht. Met de MIRA-onderzoeksgroep van jouw keuze bespreek je met welke onderzoeksvraag je aan de slag gaat. Je kunt je opdracht ook doen bij een producent van medische apparatuur of een revalidatiecentrum.

Professionele ontwikkeling

Tijdens je studie word je intensief begeleid bij de complexe opdrachten. In het eerste jaar hebben jij en je projectteam wekelijks overleg met de projectbegeleider. Ook op andere manieren helpt de opleiding je bij je professionele en persoonlijke ontwikkeling. Want wat jij doet op het lab, heeft impact op de wereld daarbuiten. Tijdens speciale werkcolleges krijg je oog voor de maatschappelijke context van het onderzoek en denk je na over ethische kwesties. Tijdens andere sessies ontdek je jouw favoriete rol binnen een projectteam. Ook krijg je feedback over hoe je die rol invulling kunt geven. Zodat je straks inhoudelijk én als persoon sterk aan je carrière begint.

Vooral Nederlands

De voertaal tijdens colleges is Nederlands, tenzij docenten uit het buitenland komen. Dan wordt Engels gesproken. Ook studieboeken en wetenschappelijke literatuur zijn vaak Engelstalig.